Niet iedere ondernemer is voor de fiscus ondernemer

Het ondernemerschap heeft zo zijn fiscale voordelen: je mag je winst drukken met een zelfstandigenaftrek, een startersaftrek (de eerste drie jaar) en een mkb-vrijstelling, je werkkleding en bedrijfsruimte zijn ‘kostenposten’ en je mag de btw van je aankopen verrekenen.

Een gewilde status dus. Ook voor de 39-jarige distributeur van landelijke en regionale dagbladen. Op basis van een overeenkomst worden elke ochtend de kranten afgeleverd bij zijn depot en zorgt hij ervoor dat de bezorgers genoeg kranten meekrijgen. Desnoods brengt hij ze zelf rond.

Hij geeft de uren en vergoedingen van de bezorgers door aan de dagbladen, die hen rechtstreeks betalen. Hijzelf krijgt een maandelijks bedrag van de dagbladen. Hiervoor stuurt hij facturen, hoewel sommige opdrachtgevers automatisch betalen zonder de factuur af te wachten.

De man heeft zich als ondernemer ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, hij staat in de Gouden Gids en krijgt elk jaar van de Belastingdienst een Verklaring Arbeidsrelatie winst uit onderneming (VAR wuo: bedoeld voor opdrachtgevers om de status van een zelfstandige te kunnen bepalen). Ook in zijn belastingaangifte geeft hij zijn inkomsten elk jaar op als ‘winst uit onderneming’.

Voor de belastinginspecteur telt dit alles niet. Hij rekent het inkomen tot de categorie ‘resultaat uit overige werkzaamheden’, zonder de gewilde ondernemers privileges.

De zaak belandt voor het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waar de man aanvoert dat hij toch echt een ondernemer is: hij heeft meerder opdrachtgevers, hij brengt btw in rekening, hij loopt ondernemersrisico en hij kan zelf bepalen hoe hij zijn werk doet.

Het hof oordeelt dat deze factoren inderdaad van belang zijn, maar vindt dat hij juist geen ondernemersrisico loopt, gezien de automatische betalingen. Inschrijving bij de Kamer van Koophandel of VAR wuo verandert daar niets aan.