Hoe een 3D-printer in Zuid-Soedan mensen weer helpt eten

De kunstarm van Daniel. Screenshot filmpje Not Impossibe Labs

Aan de onafhankelijkheid van Zuid-Soedan gingen tientallen jaren van bloed en geweld vooraf. En de onafhankelijkheid heeft het bloedvergieten niet doen stoppen. Bommen rukten tienduizenden ledematen af, ook van kinderen. De Amerikaan Mick Ebeling bracht 3D-printers naar het land om kunstledematen te fabriceren.

Ebeling is oprichter van  Not Impossible Labs, een organisatie die met open-accessapparaten mensen met een lichamelijke beperking probeert te helpen. In Time las hij het verhaal van Daniel Omar, een Zuid-Soedanese jongen die op zijn veertiende zijn armen verloor. Hij wilde liever dood, vertelde hij de journalist, dan zijn familie tot last zijn.

Ebeling, vader van drie zonen, werd zo door het verhaal geraakt dat hij naar Zuid-Soedan vloog om de jongen op te zoeken. Hij nam printers mee, plastic en kabels. In een maand tijd hoopte hij de jongen te vinden. Al was hij er niet zeker van of Daniel wel zomaar een arm zou aannemen van een vreemde blanke man.

Het lukte, zoals je in onderstaande video kunt zien. En Daniel accepteerde de arm. Hij bleek te wonen in het Noebagebergte, een betwist gebied dat zwaar geleden heeft onder de strijd. Ebeling leerde lokale hulpverleners hoe ze met een 3D-printer moeten omgaan. Sindsdien wordt er elke week een ledemaat voor een slachtoffer geprint.

Vijftigduizend slachtoffers bommen

De techniek is helaas nog niet zo ver dat iedereen kan worden geholpen. Slachtoffers moeten op zijn minst een stomp hebben. Volgens The Guardian kan van de naar schatting 50 duizend slachtoffers wel een “aanzienlijk deel” worden geholpen met kunstledematen.

NOSop3 belde met Ebeling:

Tienduizend doden, half miljoen vluchtelingen

De oorlog in Zuid-Soedan is ondertussen weer in alle hevigheid opgelaaid. Naar schatting zijn al zo’n 10.000 doden gevallen in de strijd tussen de troepen van president Salva Kiir en die van voormalig vicepresident Riëk Machar. Bijna een half miljoen mensen zijn op de vlucht; tienduizenden proberen weg te komen naar buurlanden. De kiem voor het conflict werd afgelopen zomer gelegd toen president Kiir zijn ambitieuze vicepresident Riëk ontsloeg, evenals een groot deel van zijn kabinet, schreef onze correspondent Koert Lindijer in NRC Handelsblad:

“Aangevuurd door een groepje van vijf naaste adviseurs koos Kiir de confrontatie: hij ontbond afdelingen van de regerende SPLM, zuiverde het leger van vermeende dissidente officieren en vulde de Presidentiële Garde met eigen aanhangers uit zijn geboortestreek. In het weekeinde van 15 december kwam het conflict tot uitbarsting op een partijvergadering over democratisering, waarbij Kiir riep dat Riëk een staatsgreep wilde plegen. Riëks huis in de hoofdstad Juba werd door tanks en mortiervuur kapot geschoten. Familieleden en lijfwachten kwamen om.”