Samen overvallen is samen doodrijden?

De Zaak. Twee mannen gaan samen op één scooter op weg om een hotel te overvallen. Dat mislukt, omdat ze bij het hotel politie tegenkomen. Ze slaan op de vlucht, rijden door rood en scheppen op een zebrapad een voetganger die daardoor overlijdt. De mannen worden in hoger beroep veroordeeld voor het voorbereiden van een gewapende overval of afpersing tot 24 en 18 maanden celstraf, waarvan 3 maanden voorwaardelijk. Beide verdachten ontkennen de scooter te hebben bestuurd. Ze geven elkaar de schuld. In hoger beroep worden ze allebei van het veroorzaken van een dodelijk ongeval vrijgesproken. Er was geen technisch of getuigenbewijs om vast te stellen wie als passagier achterop zat en wie de scooter bestuurde. De dader is daarmee onbekend.

Waarom draait deze zaak? Kunnen desondanks beide verdachten toch worden veroordeeld, maar dan als ‘medepleger’? Volgens vaste rechtspraak is daarvoor nodig dat de verdachten overleg plegen of samenwerken bij het misdrijf. In dit geval dus het doodrijden van een voetganger.

Was daarvan in deze zaak sprake? Het Hof vond van niet. De rollen van beide verdachten moeten ‘volledig inwisselbaar’ zijn: ze moesten allebei evenveel hebben gedaan om het verkeersongeval te veroorzaken. Dat was hier niet zo. Er zat onmiskenbaar één persoon achterop, die duidelijk minder te zeggen had over snelheid en koers van de scooter dan de bestuurder. Om te kunnen straffen was het voor het Hof essentieel om vast te kunnen stellen wie er aan het stuur zat. Aan de voorwaarden voor medeplegen is dus niet voldaan.

De dood van de voetganger bleef dus onbestraft? Daar leek het op. Het Hof zei in het arrest deze uitkomst zelf ‘onbevredigend’ te vinden, maar niet anders te kunnen. De bestuurder moet bekend zijn, en zo niet, dan moeten beide deelnemers aan het feit precies hetzelfde aandeel hebben gehad. Er moet een ‘bewuste en nauwe samenwerking’ zijn geweest. Als die er niet is dan kan iedere bijzitter op een motor automatisch strafrechtelijk aansprakelijk worden voor het gedrag van de bestuurder en dat is ongewenst.

Wat zegt de Hoge Raad? Je moet de verantwoordelijkheid voor de dodelijke aanrijding zien in de context van de planning voor de gehele criminele onderneming door het tweetal. De nauwe samenwerking tussen de twee kan behalve op de hotel- overval ook betrekking hebben gehad op een eventuele gezamenlijke vlucht. Dat ligt zelfs voor de hand. Ook gezien hun directe reactie op de aanwezigheid van politie bij het hotel: wegwezen. Althans de rechter had dat moeten uitzoeken – en dus niet de dodelijke aanrijding als apart feit moeten behandelen. Het is voor mede plegen bovendien niet nodig dat er steeds sprake is van ‘volledig inwisselbare rollen’ van de deelnemers aan het misdrijf.

Deze zaak moet dus opnieuw inhoudelijk worden beoordeeld. Een veroordeling, ook voor de dodelijke aanrijding, is nu dichterbij gekomen.