Obama’s mooie woorden over de NSA zijn niet afdoende

President Obama sloeg vrijdag de spijker op z’n kop, toen hij erkende dat leiders als hijzelf niet meer kunnen aankomen met het verhaal: vertrouw ons maar, we zullen echt geen misbruik maken van de gegevens die we verzamelen. „De geschiedenis kent te veel voorbeelden waarbij dat vertrouwen is geschonden. Ons politieke systeem is gebouwd op het uitgangspunt dat vrijheid niet afhankelijk is van de goede bedoelingen van machthebbers, maar van de wetten die hen aan banden leggen.” Dat waren wijze woorden. Maar de praktische uitwerking die hij er aan verbond viel tegen.

Voor het eerst ging de Amerikaanse president uitgebreid in op de onthullingen van de afgelopen zeven maanden over de NSA en de ongekend grote schaal waarop deze inlichtingendienst telefoon- en internetgegevens verzamelt en opslaat. Hij kondigde maatregelen aan om sommige omstreden praktijken van de dienst in te perken of aan meer controle te onderwerpen.

Maar wie had gedacht dat de president de NSA zou terugfluiten, kwam bedrogen uit. Hij zette wel een stap in de goede richting, maar als verdere stappen uitblijven is niet vol te houden dat de machthebbers, om zijn eigen woorden aan te halen, hiermee wezenlijk aan banden worden gelegd. Helemaal niets zei hij bijvoorbeeld over de praktijk van de NSA om met opzet commerciële versleutelingsprogramma’s te verzwakken. En ook ging hij niet in op de massale opslag van sms’jes van over hele wereld.

Het valt te betwijfelen of Obama met zijn rede het vertrouwen heeft teruggewonnen van degenen die geschokt zijn over de „bijna orwelliaanse” manier, zoals een Amerikaanse rechter het uitdrukte, waarop de NSA de digitale gangen nagaat van gewone mensen binnen en buiten Amerika. Allemaal voor het hogere doel van de veiligheid, benadrukte de president opnieuw – maar opnieuw zonder overtuigend bewijs dat de veiligheid er werkelijk mee geholpen is.

Veiligheidsdiensten van andere landen kijken met afgunst naar de grote technische bekwaamheid waarover de NSA blijkt te beschikken. Amerika loopt voorop, maar zij zullen niet achter willen blijven. Wie realistisch is, houdt er dan ook rekening mee dat er weinig tot niets over is van zijn privacy op internet en via de telefoon.

Wat er op het spel staat, zei Obama, is hoe we trouw blijven aan onszelf in een wereld die zichzelf in een duizelingwekkende vaart aan het vernieuwen is. Ook dat is een waar woord. En er zal veel van afhangen welk voorbeeld de Verenigde Staten geven. Want de wereld kijkt niet alleen naar Amerika voor technologische vernieuwing, het land heeft ook een voorbeeldrol als vrije en open samenleving. Om die rol te kunnen blijven spelen, zijn mooie woorden en een kleine bijsturing van de praktijken van de NSA niet genoeg.