kort

Rode peper

Genoom van de bijtende peper bekend

Het genoom van de Mexicaanse rode peper is helemaal ontrafeld. Nu kan eindelijk worden onderzocht waarom deze peper zo brandt, schrijven onderzoekers in PNAS. Dat is namelijk nog steeds niet bekend, benadrukken ze, ondanks het feit dat we er allemaal bekend mee zijn. De Mexicaanse rode peper bevat capsainoïden, bijtende stoffen die de plant aanmaakt om zich te beschermen tegen schimmels. Bij zoogdieren activeren capsainoïden de receptor die normaal gesproken pijnlijke prikkels registreert. Hoe capsainoïden dit precies doen, kan worden onderzocht door het genoom van de rode peper met die van genetisch nauw verwante soorten te vergelijken die geen scherpe vruchten hebben, zoals de tomaat. De tomaat heeft dezelfde voorouder als de Mexicaanse peper en bevat ook alle genen voor capsanoïden. Toch zijn deze genen net iets anders geëvolueerd, waardoor ze voor andere eiwitten coderen.

Bomen

Oudste bomen groeien het beste

De oude bomen in het bos zijn niet waarvoor ze altijd werden versleten: vermoeide woudreuzen, zonder noemenswaardige invloed op de koolstofkringloop. Het tegendeel blijkt het geval. Oude bomen blijven koolstof vastleggen tot ze erbij neervallen. En hoe dikker ze worden, hoe meer kilogrammen koolstof er jaarlijks in stam en takken worden vastgelegd. Met intervallen van vijf tot tien jaar maten de wetenschappers van bijna 700.000 bomen (404 soorten) de dikte op borsthoogte. De diameters werden omgerekend naar totale biomassa en vandaar naar hoeveelheden koolstof. De resultaten staan in Nature. Bij maar 3 procent van de bomen trad naar verloop van tijd groeivermindering op. Het overgrote deel bleef stevig doorgroeien, ongeacht de leeftijd.

Tuberculose

Multiresistente TB in Zuid-Afrika

Tuberculosepatiënten in Zuid-Afrika die vaak jarenlang vergeefs tegen hun infectie zijn behandeld met verschillende antibiotica, worden uiteindelijk maar naar huis gestuurd. Een bijzonder gevaarlijke praktijk, waarschuwen artsen in medisch tijdschrift The Lancet, want op deze manier kan een multiresistente tuberculosebacterie zich verder onder de bevolking verspreiden. De artsen volgden het lot van 107 patiënten met een multiresistente bacterie. Bijna eenderde van hen scheidde actief de bacterie uit op het moment dat zij het ziekenhuis verlieten. Dat gaf dus een hoog risico dat zij anderen in hun omgeving konden infecteren, temeer omdat ze na ontslag uit het ziekenhuis nog maanden tot jaren leefden.