Burgemeester Bangui verkozen tot interim-president CAR

Een man controleert de motor van een zwaar beladen taxi. Foto AFP / Eric Feferberg

Catherine Samba-Panza is verkozen tot interim-president van de Centraal-Afrikaanse Republiek. Samba-Panza is de huidige burgemeester van hoofdstad Bangui. Haar taak is om een eind te maken aan het sektarisch geweld van de afgelopen maanden en het land voor te bereiden op verkiezingen.

Samba-Panza volgt Michel Djotodia op, die in januari onder hoge internationale druk aftrad. Djotodia kwam in maart door een staatsgreep aan de macht. Hem werd verweten dat hij de recente slachtpartijen tussen christenen en moslims, met name in Bangui, niet heeft kunnen voorkomen, en dat hij geen efficiënt bestuur voor het land op poten heeft gezet.

Ploumen: twee miljoen voor noodhulp

Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Lilianne Ploumen maakt twee miljoen euro over naar de Verenigde Naties voor noodhulp in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Dat meldt het ministerie van Buitenlandse Zaken vandaag. In het land zijn op dit moment 2,6 miljoen mensen afhankelijk van noodhulp om te overleven.

Het Nederlandse geld gaat naar de Verenigde Naties. Zij coördineren de noodhulp en bekijken waar de hulp het hardst nodig is. Volgens het ministerie is er vooral een groot gebrek aan voedsel, onderdak en medische hulp. Om al die problemen aan te pakken is op korte termijn zeker 152 miljoen euro nodig.

Ploumen sprak vorige week met de aartsbisschop van Bangui. Hij reist samen met de grootimam door de Centraal-Afrikaanse Republiek om de gevechten een halt toe te roepen.

“Uit zijn verhaal, evenals uit andere berichten die wij ontvangen, blijkt dat gewone burgers zwaar lijden onder het geweld.”

900.000 mensen op de vlucht

Door het geweld zijn inmiddels zo’n 900.000 mensen, een vijfde van de totale bevolking, op de vlucht geslagen. Sinds de Kerst neemt het aantal snel toe. Veel mensen trekken naar de hoofdstad Bangui.

Het Afrikaanse land verkeert in chaos sinds hoofd van het rebellenleger Michel Djotodia in maart de macht greep. Djotodia verloor zijn greep op de zogeheten Séléka-strijders, die zich vervolgens te buiten gingen aan plunderingen en moorden.