Mannenmode Milaan: in moeilijke tijden ontspant de mode

Zeker bij de najaarscollecties lag de nadruk bij de mannenshows in Milaan de afgelopen seizoenen op een klassieke, elegante stijl: pakken en geklede overjassen. Maar de collecties voor najaar 2014, die de afgelopen dagen in Milaan werden getoond, breken met die formele stijl. Behalve bij Prada en de echte pakkenmerken als Corneliani en Ermenegildo Zegna speelde het klassieke mannenpak hoogstens een bescheiden bijrol in de shows. De meeste mannenmodehuizen leggen voor najaar 2014 de nadruk op atletische, stoere en vooral comfortabele kleren. Oversized jassen, sneakers, grote rugzakken. En vooral: heel veel ruime, lange sweaters. Een voor deze lastige economische tijden opmerkelijk ontspannen modebeeld.

De designersweater is overigens niet nieuw: bij de Parijse huizen Givenchy en Kenzo zijn ze al een paar jaar een commercieel succes. Maar niet eerder kwamen ze op zo’n grote schaal op de catwalk voorbij.
De rijkste sweaters waren te vinden bij Dolce & Gabbana: van fluweel, lammy of leer en, zoals de laatste jaren gebruikelijk is bij het modehuis, voorzien van aan Sicilië ontleende decoraties, dit keer afbeeldingen van middeleeuwse kerken en, inderdaad, ridders, of preciezer: de Normandiërs die Sicilië in de elfde eeuw binnenvielen. Het ridder/koninsgbeeld werd afgemaakt met smalle broeken (soms met horizontale banden stof), grof gebreide capuchons, die leken op de metalen exemplaren die ridders vroeger onder hun helm droegen, en, jawel, kroontjes.

Bij Calvin Klein Collection stonden op katoenen sweaters de namen van de drie grote succesgeuren – Obsession, Eternity en Escape – iets wat wonderlijk genoeg niet plat aandeed. De rest van de collectie was uitermate macho: jacks van gewatteerd nylon, parka’s, militaire overhemden, veel stonewashed leer – ook voor sweaters.

Jil Sander moest het dit seizoen zonder Sander zelf doen. Twee keer stapte Sander na een onenigheid over de koers op, nu is naar verluidt de ziekte van haar vriendin de reden. Het team zette in veel paars- en blauwtinten en veel breisels: truien met korte en lange mouwen, een mannentwinset met een rits. (Leren) jassen en jacks hadden de ruime snit die de grote mode lijkt te gaan worden, een aantal broeken waren van achter van wol en van voren van glimmend materiaal. Niet de meest opzienbarende collectie, maar zeker geen zwakke.

In de show van Bottega Veneta had bijna elke outfit wel iets weg van een superdeluxe joggingpak: losse broeken van zachte wol of suède hadden een boord aan de onderkant, de jasjes ook. Dunne truinen hadden knoopjes aan de hals, waardoor ze deden denken aan ouderwets mannenondergoed. Een aantal kledingstukken was versierd met een opvallende, bijna groffe dip-dye. Eigenlijk de ultieme droomcollectie: kleren voor de man die geld heeft om Bottega Veneta te kunnen kopen, maar ook genoeg vrije tijd om dit soort kleren te kunnen dragen.

Comfort ook bij Gucci, in gedurfde zachte kleuren: een hemelsblauw leren overhemd op smal beige wollen broekje, of een grote sweater van groenblauw lamsbont bij een taupe broekje. De paar pakken hadden de smalle snit van de Britse mannenmode van de jaren zestig.

De collectie van Prada was tussen al die sportiviteit en al dat gemak een intrigerend buitenbeentje: roestkleurige, bruine, en paarse pakken waarvoor overduidelijk naar de mode uit de jaren zeventig was gekeken. De broeken met enigszins uitlopende pijpen en biezen aan de zijkant vielen over grove bruine sneakers.

Over hooggesloten mouwloze jassen kwamen dubbele ceintuurs, waardoor ze wat benauwd aandeden. Smalle sjaaltjes gaven de outfits een heerlijk wuft, louche accent mee, vooral als ze werden gedragen bij iele truitjes met een lage hals.

Eerder, in een kortere versie, gepubliceerd in Nrc Handelsblad. Fotografie: Peter Stigter (teampeterstigter.com).

Dolce & Gabbana

Calvin Klein Collection

Jil Sander

Bottega Veneta (net als de foto bovenaan)

Gucci

Prada

Ermenegildo Zegna