Gevolgen voor de NAM blijven bedrijfsgeheim

Fors minder productie in en om Loppersum, maar meer productie in de rest van het Groningenveld. Energiespecialist Aad Correljé (TU Delft) noemt het aardgasbesluit dat minister Kamp vrijdag bekendmaakte een „lichte verschuiving”. Er komen jaarlijkse plafonds van 42,5 miljard kubieke meter voor dit en volgend jaar en 40 miljard kubieke meter voor 2016. Dat is minder dan vorig jaar toen 53,8 miljard kubieke meter werd opgepompt, maar niet opvallend veel minder.

In sommige berekeningen valt het plafond voor de komende twee jaar zelfs keurig binnen de productieafspraken tot 2020. Voor de liefhebber: tot die tijd mag namelijk 297,3 miljard kuub worden opgepompt, en als je die hoeveelheid deelt door 7 jaar, kom je precies op jaarlijks 42,4 miljard kubieke meter. Die hoeveelheden waren al bepaald door de overheid.

Probleem was alleen dat er de afgelopen jaren meer dan het gemiddelde, vorig jaar dus 53,8 kubieke miljard kubieke meter, was gewonnen. De aardgasbaten bedroegen vorig jaar 14 miljard euro. Uit het feit dat Kamp spreekt van lagere aardgasbaten voor de komende jaren, blijkt dat het kabinet er kennelijk vanuit was gegaan dat dit hoge productieniveau kon worden gehandhaafd.

Geen groot verschil in winning dus, maar ook niet in beleid. In de keten van de Nederlandse gasindustrie wordt het Groningenveld al decennia gebruikt als reserveveld dat als het ware mee-ademt met de markt.

Groningen wordt vooral gebruikt als voorraad, achter de hand. De productie uit de Noordzee en de kleine velden op land wordt ingezet om aan de eerste behoefte te voldoen. Om te voorkomen dat het Groningenveld te snel opraakt, wordt dit gas pas ingezet als het koud is. Of om aan het buitenland te verkopen.

Gasterra, belast met de verkoop van het Nederlandse gas en voor de helft in handen van de NAM en voor de andere helft van de overheid, heeft contracten gesloten met buitenlandse afnemers, veelal in Duitsland. Volgens Gasterra gaat het om 36 miljard kubieke meter gas uit het Groningenveld per jaar. Het bedrijf waarschuwt dat een abrupte stopzetting neer zou komen op contractbreuk en hoge boetes.

Correljé schat dat het in de meeste gevallen gaat om contracten met een looptijd van één of twee jaar. Het beleid dat de minister nu neerzet loopt tot en met 2016. Volgens Correljé vormen de contractuele verplichtingen daarna een minder groot probleem.

De grote vraag is wat het huidige aardgasbesluit van ministerKamp betekent voor de NAM. Duidelijk is dat de onderneming, Shell en ExxonMobil dus, een belangrijk deel van de rekening gaat betalen. Maar hoe zwaar die last zal zijn is moeilijk te zeggen omdat de NAM een privaatrechtelijke onderneming is die geen inzage hoeft te geven in de jaarcijfers. Wat dat betreft is het bedrijf het meest ondoorzichtige onderdeel van het Nederlandse gasgebouw waarin overheid en Shell en ExxonMobil nauw met elkaar verweven zijn. Het gasbesluit gaat dan ook niet alleen over de inwoners van Groningen, maar vooral ook over aardgasbaten en bedrijfsleven.