Energie Gascentrales zijn noodzakelijk voor netstabiliteit

Amerika is voor elektriciteitsproductie overgeschakeld van steenkool naar aardgas. Daardoor worden spotgoedkope kolen naar Europa verscheept en met name in Nederlandse kolencentrales verstookt. Door de Energiewende in Duitsland is zo veel zon- en windenergie beschikbaar gekomen dat deze soms tegen spotprijzen beschikbaar is. Het Duitse subsidiestelsel om de introductie van duurzame energie te stimuleren is ver boven verwachting aangeslagen.

Door deze twee ontwikkelingen hebben we lage elektriciteitsprijzen in Nederland. Dit is goed voor de consument, maar de Nederlandse gascentrales zijn nu onrendabel en staan veelal stil vanwege het ontbreken van een juiste concurrentieverhouding. In de toekomst zal nog meer zon- en windenergie in het elektriciteitspakket zitten. Maar elektriciteit is heel moeilijk op te slaan. Met de wisselende beschikbaarheid van zon en wind dienen er buffers te zijn, flexibilisering van de elektriciteitsvraag en een zeer snel regelende conventionele elektriciteitsopwekking. Er dient in EU-verband een Europees masterplan te komen, waarin voor elk land de sterke kanten voor de elektriciteitsopwekking optimaal benut worden. Als we op korte termijn deze EU-afspraken niet maken, zal grootschalige uitval van elektriciteit onvermijdelijk zijn. Om het openhouden van gascentrales te bekostigen dient een heffing te komen, die zou moeten worden betaald door de leveranciers van zon- en windenergie: ‘de vervuiler betaalt’.

Zon en wind zijn weliswaar schone manieren om elektriciteit op te wekken, maar voor de stabiliteit van elektriciteitsnetten zijn het grote vervuilers. Door de heffing wordt de scheefgroei door subsidies enigszins gecompenseerd. Op langere termijn kunnen opslagsystemen en slimme elektriciteitsnetten (hierbij worden elektrische apparaten alleen ingeschakeld als er veel zon en wind is) uitgebouwd worden om de fluctuaties op te vangen. Tegen die tijd kunnen de gascentrales op een beheerste manier worden ontmanteld.

Ir. Evert-Jan Bouvy

Ir. Dick Butijn

Wiegels onjuistheden

De eindstand van het opiniestuk van Wiegel (NRC, 15 jan.) stokt op feitelijke onjuistheden, halve waarheden en uitspraken die een waarzeggerij zijn waar Astro TV nog geen brood van lust. Het meest bezwaarlijk is echter zijn kernboodschap: subsidies voor duurzame energie zijn slecht. ‘Windmolens draaien niet op wind, maar op subsidies’, beweert hij. De pot verwijt hier de ketel dat hij zwart ziet. Het Internationaal Monetair Fonds schat dat er jaarlijks zo’n 1.400 miljard euro aan subsidies naar fossiele energie gaat. Een blik op de lijst van grootste verstrekkers wijst uit dat het vooral gaat om (semi-)dictatoriale staten die hun bevolking paaien met goedkope benzine. Maar ook Nederland staat op de lijst. Jaarlijks kan de fossiele sector rekenen op ongeveer 5,6 miljard euro aan belastingvoordelen . Dat betekent dat de gemiddelde Nederlander 340 euro per jaar aan fossiele subsidies betaalt. Daar tegenover staan subsidies en andere belastingvoordelen voor duurzame energie die per Nederlander optellen tot ongeveer (en slechts ) 91 euro. De fossiele sector wordt dus veel sterker gesubsidieerd. Over concurrentievervalsing gesproken! Subsidies hebben alleen een functie als zetje voor een jonge technologie die zo snel mogelijk moet leren op eigen benen te staan. In dat geval biedt duurzame energie enorme kansen voor de Nederlandse economie.