Seksueel misbruik Filippijnse kinderen is steeds makkelijker

Spelende kinderen op een straat in de hoofdstad Manilla. Foto EPA

Je hoeft in de Filippijnen niet eens moeite te doen om te zien hoe seks, kinderen en buitenlanders in het land onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Gewoon in de lobby staan van een ogenschijnlijk keurig hotel in Cebu, de tweede stad van het land, is genoeg. Drie dikke Europeanen wandelen op hun gemak naar de lift, hand in hand met jongens van een jaar of twaalf. Ze gaan naar boven, naar de kamers. En dit gebeurt niet in de duisternis van de nacht, maar rond een uur of negen ’s ochtends, terwijl de kannen sinaasappelsap en bakken muesli in de ontbijtzaal klaarstaan.

Uit de gezamenlijke verklaring van Britse, Australische en Amerikaanse opsporingsdiensten gisteren werd duidelijk hoe makkelijk het voor een internationaal publiek is geworden zich te mengen in de Filippijnse seksindustrie. Een lange reis en een hotelkamer in Cebu zijn niet eens nodig. Een computer met een internetverbinding volstaat. Een foto die de politie vrijgaf, toont een van de plekken waar de kinderen tegen betaling voor de webcam seksueel mishandeld werden. In een kamer met betonnen muren staan twee witte tuinstoelen tegenover elkaar. Daarvoor een desktopcomputer op een bureau met een speakersetje en een lampje. Een rode handdoek ligt op een van de stoelen. Een donkere mannenbroek hangt aan de muur. Volgens de politie werden de kinderen in sommige gevallen misbruikt door eigen familieleden.

De Britse politie ontdekte het Filippijnse cyberseksnetwerk toen agenten een controlebezoek brachten aan een man die eerder vast had gezeten voor kinderseks. De agenten vonden beeldmateriaal uit de Filippijnen. Na een lang en internationaal onderzoek arresteerden opsporingsdiensten 29 mensen, onder wie elf man in de Filippijnen. Vijftien kinderen tussen de zes en vijftien werden in opvanghuizen geplaatst. Volgens de Amerikaanse Immigration and Customs Enforcement-dienst wordt het steeds gemakkelijker voor criminelen om kinderen in ontwikkelingslanden seksueel uit te buiten. „Extreme armoede, grotere toegang tot snel internet en het bestaan van een groot aantal en relatief rijke klanten leiden ertoe dat criminele organisaties kinderen uitbuiten voor financieel gewin”, aldus een persbericht van ICE.

NGO’s weten dikwijls de aandacht op kinderhandel en seksarbeid in de Filippijnen te vestigen. Zo ontwikkelde Terre des Hommes vorig jaar Sweetie, een virtueel Filippijns tienjarig lokmeisje dat op chatrooms contact zocht met mannen. In twee maanden tijd kreeg Sweetie van duizend mannen het verzoek haar kleren uit te trekken en de camera van haar computer aan te zetten. Volgens Terre des Hommes zijn er op elk moment van de dag wereldwijd 750.000 mannen op internet aan het chatten met als doel minderjarigen voor de webcam te krijgen.

Het probleem bestrijden blijkt lastig. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken publiceert ieder jaar een gezaghebbend rapport over mensenhandel. Landen worden beoordeeld op hun beleid en krijgen advies hoe dit soort illegale praktijken tegen te gaan. Cijfers zijn er niet, maar uit de beoordeling van de Amerikanen blijkt dat de situatie in de Filippijnen niet verbetert. Volgens de Amerikaanse diplomaten is de Filippijnse wetgeving in orde en zijn de straffen net zo hoog als andere zware delicten zoals verkrachting. „Corruptie blijft een probleem”, schrijven de Amerikanen. Ambtenaren en agenten die mensenhandel en seksarbeid tegen moeten gaan laten zich afkopen, kijken de andere kant op, genieten seksuele diensten, en laten bendeleiders tijdens arrestatieacties ontsnappen, concluderen de diplomaten.

Hoe diepgeworteld het probleem is, bleek onlangs op Samar, een van de oostelijke eilanden verwoest door supertyfoon Haiyan. Bewoners hebben voedsel, kleding, medicijnen en bouwmaterialen nodig, maar hulpverleners maken zich zorgen over het lot van kinderen. Volgens de Verenigde Naties lopen 1,7 miljoen kinderen in het rampgebied het gevaar uitgebuit, mishandeld of gesmokkeld te worden. Als alles van economische waarde verwoest is door het water en wind, worden kinderen opeens handelswaar. Cebu, een Filippijnse stad met een slechte reputatie op het gebied van seksarbeid, is maar twee uur varen.

Volgens Plan International is het meer dan een theoretisch risico. Vorige week meldde de hulporganisatie dat vijf meisjes het aanbod kregen in een bakker te werken in Manila. Gezien de verwoesting, ellende en armoede op Samar was dat voor de middelbare scholieren een aanlokkelijk voorstel. Het betrof een bordeel, volgens Plan. De afgelopen vijf jaar zouden honderden meisjes uit Samar zijn weggeplukt om in de Filippijnse seksindustrie te werken. Zelfs een verschrikkelijke natuurramp kan daar geen einde aan maken.