Oppositie drijft Hilhorst in de hoek

Voormalig columnist Hilhorst, eind 2012 aangesteld als wethouder financiën, ligt onder vuur na de belastingblunder van 188 miljoen. foto ANP

Lastige tijden voor Pieter Hilhorst. Als wethouder van financiën moet hij zich verantwoorden voor een blunder van ‘zijn’ belastingdienst: die keerde ten onrechte 188 miljoen aan woonkostenbijdragen uit. Het meeste daarvan is intussen teruggevloeid naar de gemeentekas, maar nog niet alles, en Hilhorst kondigde aan dat de gemeente er naar schatting 1,5 miljoen bij in zal schieten.

Dat is al ellendig genoeg voor een bestuurder. Bij het eerste debat hierover, in december, dienden CDA en SP direct een motie van wantrouwen in. Niet dat die werd aangenomen, maar het stak wel. „Ik kom er in januari op terug”, zei de wethouder en die tijd gunden de andere partijen hem toen.

Maar Hilhorst is niet alleen wethouder, hij is ook lijsttrekker van de grootste partij in de raad. En de fouten van de wethouder kleven aan de lijsttrekker. Over twee maanden zijn de gemeenteraadsverkiezingen; dit is een droomscenario voor de politieke tegenstanders van de PvdA.

De afgelopen week was dat goed te merken. Zondag, bij het eerste lijsttrekkersdebat, discussieerden Hilhorst en VVD-lijstaanvoerder Eric van der Burg in de Stadsschouwburg over de noodzaak van sociale woningbouw. Van der Burg wierp Hilhorst voor de voeten dat die onder het motto ‘bouwen, bouwen, bouwen’ geld wil uitgeven dat er niet is. „Een goede wethouder van financiën zou nooit instemmen met het PvdA-programma.” Baf!

Van der Burg, wethouder zorg en welzijn, had de vrijdag ervoor met het college vergaderd over de 188 miljoen van Hilhorst. Hij wist dus zondag al wat de raad nog niet wist: dat de belastingblunder niet het gevolg was van een „op hol geslagen computer”, zoals Hilhorst in december zei, maar van een door ambtenaren verkeerd ingevoerd bestand. Een probleem waarvoor de gemeentelijke accountant de belastingdienst had gewaarschuwd.

Bovendien bleek dat er geen bestedingslimiet was bij de dienst – waardoor ze ineens reusachtige uitgaven kunnen doen. En daarvoor was niet alleen de dienst maar ook het college eerder gewaarschuwd. Het CDA wees daar in december al op. Van coalitiegenoot VVD kwam woensdag de venijnige opmerking: „Waarom bleef u toen, zo halsstarrig zou ik zeggen, weigeren toe te geven dat het CDA gelijk had?”

En oppositiepartij D66 wilde weten hoe Hilhorst in december bij zijn „achteraf bezien onbegrijpelijke antwoorden kwam”. Dat is nog net geen beschuldiging van liegen. Hilhorst had het zwaar. „Dat er iets niet goed was, hee, dat is volstrekt duidelijk.” Hij gaf impliciet toe dat hij als verantwoordelijk wethouder niet „in control” is omdat tal van diensten en stadsdelen zeer ruime of geen bestedingslimieten hebben.

Volgende week moet Hilhorst voor de derde keer spitsroeden lopen als de gemeenteraad vergadert. Het kan uitdraaien op een nieuwe motie van wantrouwen, dit keer misschien wel gesteund door D66. „De rechtse partijen”, zoals Hilhorst ze noemt, hebben de PvdA-leider in de hoek gedreven. Hij moet genadebrood eten bij de VVD, die hem maximaal kan beschadigen zonder hem te laten vallen.

Zo dreigt zich te wreken dat Hilhorst, columnist en tv-maker, de politiek is binnengekomen als bestuurder. De PvdA Amsterdam zag in hem de aangewezen persoon om als partijleider Lodewijk Asscher op te volgen die vicepremier werd. Maar Asscher was niet alleen partijleider maar vooral een ervaren bestuurder. De in dit opzicht groene Hilhorst moest diens zware portefeuilles voor de laatste anderhalf jaar overnemen. D66-leider Jan Paternotte zag zondag zijn kans al schoon voor een koele sneer: „U bent geen Lodewijk Asscher.”

Het kan ook goed uitpakken voor Hilhorst. Want wat is in Amsterdam altijd het grootste verwijt aan het adres van de PvdA? Arrogantie. Stel je voor dat de lijsttrekker met zijn gestuntel ineens de underdog wordt. Wie weet krijgt hij de sympathy vote.