Ecclestone voor Duitse rechter op verdenking van omkoping

Formule 1-baas Bernie Ecclestone moet in Duitsland voor de rechter verschijnen op verdenking van omkoping. Dat maakte de rechtbank in München gisteren bekend.

Vermoedelijk begint de rechtszaak in april. Naast omkoping wordt Ecclestone ook verdacht van „het plegen van vertrouwensbreuk”. Als Ecclestone wordt veroordeeld komt er een einde aan de zestigjarige carrière van de koning van de autosport.

Vanwege de aanklacht is Ecclestone tijdelijk teruggetreden als directeur van investeringsmaatschappij CVC Capital Partners, dat de commerciële rechten van de Formule 1 bezit. Dat maakte CVC gisteren bekend. De stap is slechts een formele, aangezien Ecclestone wel betrokken blijft bij de dagelijkse gang van zaken in de koningsklasse van de autosport.

De aanklacht van omkoping zou gaan om een bedrag van 28 miljoen euro dat Ecclestone in 2006 betaalde aan de Duitse bankier Gerhard Gribkowsky. Gribkowsky was destijds namens de Duitse bank Bayerische Landesbank verantwoordelijk voor de verkoop van 48 procent van de aandelen in de F1. Deze werden verkocht aan CVC Capital Partners. Ecclestone wilde deze transactie stilhouden.

Maar tijdens een rechtzaak in 2012 kwam de geldsom aan het licht omdat Gribkowsky dit bedrag had achtergehouden voor de belastingdienst. De bankier werd daarvoor tot 8,5 jaar celstraf veroordeeld. Ecclestone gaf later toe het bedrag te hebben betaald, maar zei dat Gribkowsky hem afperste met het dreigement details naar buiten te brengen over belastingontduiking van Ecclestone in Engeland.

Ecclestone geldt al decennia als de autoriteit in de Formule 1. Hij begon ooit als coureur en was later jaren teameigenaar van het raceteam Brabham, waarvoor onder andere wereldkampioenen Jack Brabham, Niki Lauda en Wilson Piquet reden. Ecclestone zag al een van de eersten het potentieel van de autosport en verwierf de uitzendrechten. Daarmee verdiende de 83-jarige Engelsman miljarden. De laatste jaren kwam de Formule 1-baas vooral negatief in het nieuws door te zeggen dat vrouwen „huishoudelijke apparaten” zijn en prees hij Hitler omdat die „dingen voor elkaar kreeg”.