Afrikaanse spirits van Amsterdam

Dienst van de Pentecost Revival Church in kerkgebouw de Kandelaar in de Bijlmer. Pastor Koney kan tijdens zijn preek elk moment onderbroken worden door een kerkganger die spontaan begint te zingen. „Ik voel of het een goede of kwade geest is.” Foto’s Olivier Middendorp

‘Links, rechts, links, rechts, links!” De band van de Revival Church heeft het tempo opgeschroefd tot een stuiterend Afro-Caribisch ritme. „In the House of the Lord”, zingen de ongeveer honderdvijftig bezoekers. Aangevuurd door de zanger springen ze of heffen hun handen naar de Heer. De kerkdienst is nog geen kwartier onderweg en duurt nog drie uur.

Vrouwen in rode, groene en zacht zilveren jurken dansen in een cirkel voor het podium. Van achteruit de zaal komen drie mannen naar voren gedanst, wapperend met witte zakdoeken. Op de zojuist gecreëerde dansvloer laten ze hun beste passen zien. Voor the Lord.

De Pentecost Revival Church komt op zondagen bijeen in kerkgebouw de Kandelaar in de Bijlmer. Op een druilerige winterdag wordt de thermostaat naar tropische hoogte gedraaid. Het is een Ghanese pinkstergemeente, maar trekt ook bezoekers uit andere, voornamelijk West-Afrikaanse landen en enkele Surinamers. Bij binnenkomst in het gebouw is er een marktje met Ghanese lekkernijen. In de zaal waar de dienst wordt gehouden, is een half uur voor aanvang al live muziek en prevelen mensen hun gebeden door elkaar, de ogen gesloten, de handen omhoog. Op de stoelen liggen tamboerijnen.

Er zijn in Amsterdam 265 gebouwen waarin religieuze diensten worden gehouden, blijkt uit de nog te publiceren Rapportage Religie in Amsterdam van de gemeente Amsterdam. Daarvan zijn er 65, ofwel 23 procent, in gebruik door de evangelische kerk of pinkstergemeente. En dan huisvest de Kandelaar alleen al 15 verschillende gemeenten. De Pinksterkerk is populair, met name onder Afrikanen. Niet alleen vanwege het religieuze karakter, maar ook omdat een kerk als de Revival Church veel doet voor bijvoorbeeld Ghanezen zonder verblijfsvergunning. Ruim 20 procent van de 304 getelde religieuze gemeenten in Amsterdam bevindt zich in Zuidoost. Waarschijnlijk is dat nog meer, zegt onderzoeker Clemens Wenneker. „We hebben geen zicht op informele bijeenkomsten, bij mensen thuis, in kelderboxen of de openlucht. Dat zijn er vermoedelijk veel in Zuidoost.”

Goede of kwade geest

In de Kandelaar krijgt de band het na anderhalf uur wat rustiger. Pastor Emmanuel Koney begint zijn preek, die natuurlijk wel wordt ondersteund door keyboardklanken. Stiltes vallen er niet. Hij kan op elk moment onderbroken worden door een kerkganger die spontaan begint te zingen, meestal in de Ghanese Ashanti-taal. „Ik voel of het een goede of kwade geest is die zo iemand aanzet om mij te onderbreken”, verklaart Koney achteraf. De spontaniteit is de ruggengraat van de Pinksterkerk. „Afrikanen geloven in meerdere geesten, maar hier telt alleen de Heilige Geest. Als het een kwade geest is, zullen we die uitdrijven.”

De Heilige Geest kan in vele vormen komen. Tijdens de tien minuten durende song We Glorify Thy Name praat een vrouw ‘in tongen’; ze spreekt onbegrijpelijke woorden, alsof de Heilige Geest via haar communiceert. Soms slaat ze met haar vuist tegen de muur. Verderop is een meisje op haar knieën gevallen en prevelt minutenlang tegen haar stoel. Anderen strekken met gesloten ogen hun armen naar voren om de geest te ontvangen.

De preek van de goedlachse Koney heeft veel weg van een stand-up comedy show. Hij roept zijn publiek op om een „Walk for the Holy Ghost” te doen. Blootsvoets doen de kerkgangers iets wat lijkt op een collectieve uitvoering van Monty Pythons Ministry of Funny Walks. Maar Koneys boodschap is ernstig: geef jezelf aan de Heer en de Heilige Geest en laat je niet in met andere, Afrikaanse geestenverering.

Koney preekt over een man die onlangs bij een dienst was. De man was naar Ghana gegaan om de occulte kerk van het slangenkoninkrijk te aanbidden. Toen hij terugkwam in Nederland werd hij elke nacht bezocht door de slang. Koney heeft hem in de kerk van die satansgeest bevrijd. „That’s what the lord can do!”

Amen!”

Say Hey!”

Hey!”

Muziek.

Misverstanden

Gevraagd naar wat hij bedoelde, zegt Koney na de dienst: „Ik heb het over het kwaad, over voodoo en winti. Die mensen zijn welkom in onze kerk, wij zullen ze bevrijden van de demonische spirits.”

Winti en voodoo – het hoge woord is eruit. De Afrikaanse spiritualiteit in Amsterdam is veel breder dan de migrantenkerken. Winti is de Surinaamse variant van Afrikaanse voorouderverering. Het heeft veel elementen van het West-Afrikaanse vodun, voodoo. Rituelen van die religies vinden niet plaats in officiële kerkgebouwen.

Roy Groenberg, voorzitter van Stichting Eer en Herstel die strijdt voor erkenning van het leed van het slavernijverleden, lobbyt al tien jaar voor een winti-tempel in Amsterdam. Hij wil een eigen plek hebben voor het geloof en wil misverstanden over winti uit de weg ruimen.

„Als die man in de Pinksterkerk beter wist, zou hij dit niet zeggen. Maar we zijn gestopt met hiertegen te ageren. Winti was de religie van slaven en is daarom door Christenen altijd in een kwaad daglicht gesteld.” De meeste slaven werden, al dan niet gedwongen, bekeerd tot het christendom en dat heeft tot schizofrenie in de Surinaamse gemeenschap geleid die er nog altijd is, zegt Groenberg. „Veruit de meeste Afro-Surinamers waarderen winti, maar als je het ze rechtstreeks vraagt zullen ze het ontkennen. Ze denken: als ik ja zeg vertel je het straks aan de pastoor of anderen, en dan lig ik eruit.”

In Amsterdam zijn verschillende mensen actief die je kunt inschakelen als loekoeman. Of bonuman, of obiaman – verschillende benamingen voor mensen die winti-rituelen begeleiden. Bijvoorbeeld als je de geesten (winti) van je huis wilt behagen, of als je klachten hebt waarvan de oorsprong bij je voorouders kan liggen.

Een enkele loekoeman wil niet praten met een witte journalist („Je bent een witte die rijk wil worden door Afrikaanse geheimen te stelen.”) Anderen willen wel kennis delen, maar een ritueel bijwonen gaat een stap te ver.

Relatie kapotmaken

Jurgen Lisse heeft een andere benadering. Samen met zijn vrouw Sabrina runt hij de winkel Jursa Kulturu, waar de benodigdheden voor een winti-ritueel verkrijgbaar zijn. Na enkele bezoeken wil hij meer vertellen over de planten en kruiden die hij verkoopt, mits hij de tekst kan voorleggen aan een loekoeman om te checken of het klopt. Hijzelf is nog in opleiding.

Jursa Kulturu zit achter het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis. Lisse: „Als je ons vergelijkt met de medische wereld zijn we een soort apotheek, al verkopen wij alleen de ingrediënten voor medicijnen. We vragen mensen altijd eerst of ze naar de dokter zijn geweest. Pas als hun klachten niet verdwijnen, geven we het nummer van een loekoeman.” Die kan tijdens een ritueel waarbij hij in trance raakt en wordt overgenomen door een winti zien wat eraan scheelt en wat ervoor nodig is om de geesten en voorouders te behagen.

Het is niet druk in het winkeltje. Af en toe loopt iemand binnen voor een praatje, soms hebben klanten een boodschappenlijstje van hun loekoeman mee. Lisse is tevreden over de locatie. Niet in Zuidoost, waar de meeste winti-activiteit is, maar centraal in de stad. „We krijgen klanten uit de hele stad. We konden een pand krijgen in Zuidoost, maar dat was te groot – en mensen kopen daar hun producten vaak al op de markt.”

Uit zijn eigen jeugd herinnert Lisse zich het weghalen van de fio fio, een kwade geest. Dat gebeurde wanneer zijn ouders ruzie hadden gehad en de kans bestond dat die kwade energie oversloeg naar het kind. Zijn oma goot dan uit een Afrikaanse kalebas een mengsel van blauwsel, zout en de kruiden sibi wiri en mangrasi over hem heen, terwijl ze woorden zei om de geesten niet boos te maken. „Verder heb ik er niet veel van meegekregen, zoals veel mensen van mijn generatie. Ik snap dat ook wel, want die kennis is zowel goed als gevaarlijk. Winti en de kwade variant wisi, liggen heel dicht bij elkaar. Ik leer het nu heel snel.”

Hij importeert de kruiden en oliën uit Suriname. Het ligt in manden in het krappe winkeltje, tussen de toeristische Surinaamse waar. Lisse pakt een bundel kruiden met de naam moro mang, of prati lobi; het scheiden van liefde. „Dit is een plant die ik bijvoorbeeld niet graag in mijn eigen huis heb. Je kunt het in combinatie met andere kruiden gebruiken voor goede dingen, maar het is een sterk kruid waarmee je ook iemands relatie kapot kunt maken. Het kruid luistert. Alles wat je zegt, neemt het op. Ook het kwade.”

Een van de best verkopende producten is oema sma wiri, een kruidenbad om, meestal na een bevalling, de vagina mee te reinigen. Het zou vuil uit de baarmoeder verwijderen. Het wordt ook gebruikt om de vagina strakker te maken voor seksueel genot. „De meeste Surinaamse vrouwen gebruiken dit.”

Ondertussen in de Revival Church, is de jeugd op het podium gekomen. Eén van de bandleden is 25 jaar geworden. Hij voelt zich door God gezegend dat hij de hele kerk tot zijn familie mag rekenen. Gisteren hebben ze met het koor een bijbelquiz gewonnen, ze dragen de beker op aan pastoor Emmanuel Koney. Alle aanwezigen strekken hun armen uit om voor hem te bidden. Koney: „God zegene de nieuwe generatie van Zuidoost!”

Terwijl winti teruggrijpt op het traditionele West-Afrikaanse geloof, probeert de Revival Church daar zo ver mogelijk van weg te blijven. Maar het ontvangen van de geest, het praten in tong, de trance; veel antropologen zien in de Afrikaanse pinkstergemeente juist een continuering van Afrikaanse tradities.

„Voor de buitenstaander lijkt die kerk zeer ‘Afrikaans’”, zegt Rijk van Dijk die bij het African Studies Centre in Leiden onderzoek deed naar Ghanese Pinksterkerken. „Maar zij willen dat juist niet zijn. Deze Pinksterkerken ontstonden in de jaren zeventig in Ghana en Nigeria en vonden veel belangstelling onder een beter geschoolde, stedelijke middenklasse. De kerk is een belangrijke plek in het publieke domein, waar je jezelf kunt presenteren, waar je status en prestige kunt tonen.”

Na de laatste danspassen en nadat hij voor verschillende geknielde mensen heeft gebeden, legt Koney uit dat hij onderdeel is van een moderne kerk. „Wij zijn een charismatische kerk. We geloven dat iedereen een gave heeft en dat je je moet laten leiden door de Heilige Geest. Wij houden cultuur buiten de deur. God is universeel. Natuurlijk zijn winti- of voodoo-mensen ook welkom. We kunnen ze helpen.”