Column

Waar is marktwerking als je die nodig hebt?

Het nieuwjaarsartikel van topambtenaar Maarten Camps van het ministerie van Economische Zaken (EZ) in beleidsmagazine ESB is opvallender om wat er níet, dan om wat er wél instaat. De traditie wil dat de secretaris-generaal op persoonlijke titel hier de politieke economie ontleedt en discussiepunten aandraagt. (Een verwijzing staat vanmiddag op mijn twitteradres @menno_tamminga).

Wat ontbreekt? U leest, afgezien van een obligate verwijzing, niets over het recente rapport van denktank WRR, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, over de manier waarop Nederland in de toekomst zijn geld moet verdienen. WRR en EZ hebben er na de publicatie intensief over gediscussieerd. Maar het resultaat? Helaas.

U leest, afgezien van één zin, niets over de vraag waarom het bedrijfsleven zo weinig investeert. Camps’ ene zin: „Hysterese en achterblijvende investeringen zijn reële risico’s die het toch al lage groeipotentieel verder drukken.”

Hysterese, dan snapt u het wel? Ik moest het opzoeken. Van Dale zegt letterlijk: het uit- of achterblijven van een werking t.o.v. een andere waarmee zij causaal verbonden is, ten gevolge van bijzondere omstandigheden (m.n. gebruikt i.v.m. magnetische of elektrische inductie).

Terug naar de tekst. Een ‘toch al laag groeipotentieel’ klinkt knap alarmerend. Winsten van grotere ondernemingen doen beleggers watertanden, zie de beursrecords. Wat hindert de investeringslust? Gebrek aan vertrouwen? Liggen eerdere investeringen nog braak? Verkiezen bedrijven kortetermijnbeleid om aandeelhouders te plezieren boven investeringen op lange termijn? Helaas, geen woord.

U leest ook niets over versterking van de financiële infrastructuur. Helaas. Toch is het onderwerp cruciaal genoeg voor EZ om een Kamerbrief over ondernemingsfinanciering van vorig jaar nog eens naar de Kamer te sturen.

Het enige concrete idee van Camps is het samenvoegen en versoberen van pensioen- en WAO-regelingen voor werknemers en zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers). Hij presenteert het idee als een tegemoetkoming aan zzp’ers, als een „fundamentelere reactie” dan het aanbod van traditionele collectiviteit en solidariteit. Als een reactie op „de voorkeuren van steeds groter deel van de beroepsbevolking” waarin „niet de werknemer, maar de werkende centraal staat”.

Camps adstrueert zijn idee met de jaarlijkse groei van het aantal zzp’ers van gemiddeld 25.000 in de laatste tien jaar, een toename die hij een „uittocht uit de traditionele arbeidsrelatie” noemt. Een groteske bewering. In verhouding tot de potentiële beroepsbevolking is het aantal zzp’ers een procent of zeven. Best belangrijk, maar een exodus?

Het gelijktrekken van pensioenregelingen zal de huidige complexiteit nog weer lastiger maken, al is het maar omdat de helft tot tweederde van de premies bij pensioenen van werknemers wordt betaald door de werkgever. Maar juist een werkgever hebben zzp’ers niet.

Na de versobering van pensioenen die dit kabinet voorstaat en die jongeren schaadt, ondermijnt Camps nu de rest van het systeem. Wat hij presenteert als tegemoetkoming aan een zwakke groep op de arbeidsmarkt is in essentie een verlaging van de werkgeverslasten. Prima, maar verkoop het niet als arbeidsmarkthervorming.

Er klopt nog iets niet. Camps voorstel is een klassieke reactie op de vorige crisis: verlaag de kosten. Je zou van ‘ondernemersdepartement’ EZ juist een ondernemersoplossing verwachten: verhoog de inkomsten.

Uitgedaagd door dit teleurstellende resultaat van de traditionele relatie tussen EZ en ESB doe ik een voorstel. ESB gunt het openingsartikel in het nieuwjaarsnummer niet meer automatisch aan EZ. Veil die vier pagina’s. Laat de markt beslissen. Opbrengst voor Serious Request 2014?

Dat is marktwerking zoals EZ marktwerking bedoeld heeft.