Rita Zipora: warme soundscapes

Foto Arjan Benning

Zangeres Rita Zipora (26) zingt graag in het Nederlands, omdat dat ‘het dichtst bij haar ligt’. „Juist omdat het kwetsbaar maakt om te zingen in je moedertaal, juist omdat ik wil delen”, zegt ze. Dan kan ze ook makkelijk met taal spelen, door bijvoorbeeld woorden te vormen die officieel geen woorden zijn. Zoals ‘kwartverwege’ (in plaats van halverwege) dat ze verzon voor de zeer persoonlijke gelijknamige ballade. Of ze gebruikt woorden die ze officieel geen mooi Nederlands vindt (‘veelsteveel’). Die vrijheid zou ze zich in het Engels niet durven permitteren.

Rita Zipora’s aanpak doet denken aan de muziek van Eefje de Visser. Maar waar De Visser in haar achteloosheid soms vindingrijker is met haar zachte zangtaal, is het bij Zipora muzikaal weer spannender. Haar teksten dansen op de muziek waar ze in haar tienertijd het meest naar luisterde: de Bristol Sound, de liftende donkerte in triphop van Portishead, Massive Attack en Tricky. Met haar band maakt ze warme, elektronische soundscapes waarop ze haar dromerige, beschrijvende en surrealistische teksten plant. Een beetje romantisch, opgewekt observerend en soms lichtjes mysterieus. Zoals in het Op Wegliedje, waarin de producer van haar cd, Attie Bauw, lege waterflessen laat klinken als voorbijsnellende auto’s.

De in Amsterdam geboren Zipora voltooide haar studie zang in 2010 aan het conservatorium in Den Haag. Ze liet haar eigen muziek horen in het Vondelpark Openluchttheater en zong van de Parade tot Parijs, van Bilbao tot Theater Bellevue. Ook was ze te zien in een voorstelling van Herman van Veen. 3FM radio-dj Roosmarijn Reijmer draait met regelmaat haar single Wasem, over ‘gek zijn van verliefdheid, gek zijn van nieuwsgierigheid naar elkaar’. Het is, met haar deelname aan het recente Helemaal Melkweg-festival, Zipora’s toegang tot Noorderslag. Afgelopen week lanceerde ze met haar band in de bovenzaal van Paradiso de cd Als Ik Kijk.