Nimbus knipt en scheert tot bedrijf weer te verkopen is

Gelddrukker Joh. Enschedé is opgekocht door durfkapitalist Nimbus, dat bedrijven in nood saneert en doorverkoopt.

Gelddrukker Joh. Enschedé, door Nimbus van een faillissement werd gered, drukt ook postzegels. Foto ANP

Kopen, reorganiseren, verkopen, winst maken, het is het wezen van investeringsmaatschappijen. Hoe meer er te verbeteren of te reorganiseren valt, des te meer winst er uiteindelijk te behalen is. En dus zijn er altijd wel investeerders die zich aan minder goed presterende bedrijven wagen. Zoals investeringsmaatschappij Nimbus in Zeist. Vorige week verwierf Nimbus een belang van 95 procent in gelddrukkerij Joh. Enschedé in Haarlem. Het familiebedrijf werd op het laatste moment van een faillissement gered. Door een doorgeschoven order van opdrachtgever de Duitse Bundesbank had de drukkerij niet genoeg omhanden om te blijven draaien. Nimbus, dat niet bekend wil maken hoeveel geld het in Joh. Enschedé steekt, moet het bedrijf weer op de rails krijgen.

De in 1999 opgerichte investeringsmaatschappij houdt dan ook wel van een beetje moeilijkheden. „Hands-on”, noemt Nimbus het graag, valt op de website te lezen.

Nimbus investeert in ongeveer dertig bedrijven, bij een groot aantal daarvan is het grootaandeelhouder. Een paar van die bedrijven zijn meelproducent Meneba in Rotterdam, uitgever Vakmedianet en het Duitse Rampf, dat machines maakt om stenen en tegels mee te fabriceren.

Nimbus heeft achttien werknemers in dienst en is in handen van zes partners. Onder hen zijn Ed van Dijk en Gert Jan Hubers; beiden staan op de regiolijst Utrecht van de Quote 500, een lijst van de 500 rijkste Nederlanders. Hoeveel omzet Nimbus jaarlijks draait, is niet bekend: de investeringsmaatschappij doet daarover geen uitspraken.

Nimbus is geïnteresseerd in een specifiek soort bedrijven om in te investeren. Die moeten tussen de 10 en 500 miljoen euro omzet per jaar halen, en zijn zodoende middelgroot. Ze zijn gevestigd in de Beneluxlanden, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland of Polen, „veelbelovend” en gericht op de maakindustrie of technische handel.

Door grootaandeelhouder te worden, verkrijgt Nimbus zeggenschap. Op die manier kan het de leiding van het bedrijf aanwijzen of overnemen, wijzigingen doorvoeren en zorgen dat het weer winstgevend wordt. Dan kan het immers weer verkocht worden.

Zoals Veenhuis Machines uit Raalte, waarin Nimbus sinds 2007 investeert. Veenhuis heeft nu een omzet van ongeveer 19 miljoen euro per jaar. Bijna zeven jaar geleden maakte het bedrijf zware verliezen. „Een moeilijke fase”, zegt directeur Walter Veenhuis.

Inmiddels maakt het landbouwbedrijf winst, over 2012 ongeveer 700.000 euro.

Een mooi moment voor Nimbus om uit het bedrijf te stappen; gemiddeld blijft de investeerder zo’n zeven jaar. Nimbus „wacht waarschijnlijk op een goed bod”, aldus Veenhuis. „Ze kunnen er niet zoveel meer mee. Maar we hebben geen eindtijd afgesproken.”

Een soortgelijk verhaal is papierhandelaar Remako uit Elburg. Sinds 2006 is Nimbus daar grootaandeelhouder. Ook hier wacht de investeringsmaatschappij misschien wel op een goed bod, zegt directeur Gijs Lindeboom, maar volgens hem zou Nimbus er niet mee zitten als dat langer duurt. „We zijn een kleine partij.”

Lindeboom vertelt dat Remako voorheen „minder succesvolle resultaten boekte” – vaak een eufemisme voor verlies. Daarbij wilden de twee kinderen van de toenmalige eigenaar het bedrijf ineens niet meer overnemen. Entree Nimbus.

Over de precieze constructie met de investeringsmaatschappij willen de twee bedrijven niets kwijt. Het kopen, reorganiseren en verkopen gebeurt bij voorkeur achter gesloten deuren.