Alpacino en W zijn oké. Appelsientje niet

„W, binnenkomen, het eten is klaar.” „Alpacino, maak je schoenveters vast.” „Milianjayzah-Ayleen, is je huiswerk al af?”

Sem en Tess zijn de populairste kindernamen van 2013, maakte de Sociale Verzekeringsbank gisteren bekend. Sommige ouders komen met creatievere namen op de proppen. De twee jongensnamen en de meisjesnaam hierboven werden vorig jaar elk één keer opgegeven bij de burgerlijke stand.

Mag je je kind eigenlijk de naam geven die je wilt, hoe vreemd die ook is? Nee, zegt Jan Otten, ambtenaar van de burgerlijke stand in Utrecht en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Burgerzaken. „In de wet staat dat een ambtenaar moet weigeren voornamen in de registers op te nemen die ongepast zijn of die overeenstemmen met bestaande geslachtsnamen, tenzij het tevens gebruikelijke voornamen zijn.”

Die laatste bijzin heeft verstrekkende gevolgen, zegt Otten. Want als een ambtenaar ergens in Nederland een naam er een paar keer door laat glippen, kunnen ouders daarna beweren dat de naam gebruikelijk is en dus niet geweigerd mag worden.

In Utrecht wordt per maand ongeveer twee keer een naam geweigerd, denkt Otten. Namen die niet kunnen? „Appelsientje bijvoorbeeld. Of Prinses Máxima. Máxima alleen is natuurlijk prima.”