Moeder en haar fulltime baan

Geeft een vrouw met een topbaan een interview en heeft ze een gezin dan krijgt ze onvermijdelijk de vraag: hoe doet u dat? Haar even onvermijdelijke antwoord is dat haar man en kinderen „er geen last van hebben”. Haar mannelijke collega’s krijgen die vraag niet. Want voor haar is haar functie toch eigenlijk een hobby, naast haar echte beroep: huisvrouw, moeder, echtgenoot.

Vandaag zal Justine Ruitenberg naar verwachting promoveren op een onderzoek naar het gedrag van Nederlandse moeders op de arbeidsmarkt. Zij stelt vast wat iedereen al dacht: voor deze moeders is arbeid in deeltijd de norm. Kiezen zij voor betaalde arbeid, en dat doet 90 procent, dan conformeert driekwart zich aan die norm, met een baan van gemiddeld 26,4 uur per week. Ook bekend: de meeste mannen en vrouwen willen niet anders.

Geen probleem dus, behalve voor wie wel anders wil, dat blijkt óók uit Ruitenbergs onderzoek. Kan de moeder die helemaal niet werkt op bijval rekenen, de moeder met een volle baan (10 procent) wordt beschouwd als ‘geen goede moeder’. Nederland is het land waar de directeur van het Geboortecentrum Amsterdam, ongefundeerd maar met algemene instemming, moeders kan wegzetten als een soort hormonenbom en ‘dus’ de enigen die „kleine kinderen” gelukkig maken, met de hormoonarme vader in de bijrol.

Werkt een vrouw voltijds, dan spot ze met de normen en moet ze zich verdedigen. Ze moet uitleggen hoe haar gezin dan wel draait. Ze moet opboksen tegen onbarmhartige sociale druk. Haar man wordt er niet op aangesproken, tenzij hij fulltime vadert. Dan krijgen de kinderen meewarige blikken, want die missen hun moeder.

Het is de omgekeerde wereld. Deze vrouwen en mannen denken reëel na over het welzijn van hun gezin en van henzelf. Immers, een op de drie huwelijken loopt spaak. Maar daar is het echtpaar dat bij volle bewustzijn zeker wist dat moeders deeltijdarbeid het beste en het leukste was voor het hele gezin, niet op voorbereid. Moet de moeder zelfstandig verder, dan betekent haar deeltijdwerk een karig bestaan. Haar carrièremogelijkheden zijn gefnuikt, veel toekomstmuziek is er niet. De fulltime werkende vader neemt het gezinssalaris mee. En dat heeft consequenties want nu is er sprake van een dubbel huishouden. Hij betaalt alimentatie, maar zijn advocaat hield die zo laag mogelijk. Voor zijn kinderen garandeert het zelden een gelijke levensstandaard en zijn bijdrage duurt wat zijn ex-vrouw betreft maximaal twaalf jaar.

Het gezin is de grote verliezer. En dat met een norm die bepaalt dat de eerste taak van moeders hun gezin geldt. En die wordt opgedrongen aan de vrouwen (en hun mannen) die wél hun verantwoordelijkheden nemen.