La Posada, het hotel van ‘FDR’ en Einstein

De gedachte komt vanzelf terwijl ik het noorden van deze zuidwestelijke staat doorkruis over Route 66. Ja, de natuur heeft hier een betoverende schoonheid. De roodbruine rotsen en prairies vormen een paradijs voor wandelaars en hardlopers die de Grand Canyon aandurven.

Achter het natuurschoon gaat alleen een minder mooie werkelijkheid schuil. Zeker de indianenreservaten zijn armoedig – een gebied dat in leven blijft dankzij casino’s, de verkoop van sterke drank en een beetje toerisme. De inkomens zijn er laag, de werkloosheid is hoog en het alcoholisme problematisch. Het is voor veel Amerikanen niet meer dan drive-through-country. „Indiase dekens en drank – rechtsaf!” meldt een bord langs de weg. „De beste gokmachines – volgende afslag!”

Temidden van de wildernis ligt Winslow. De kruidenier en de kliniek zijn er dichtgetimmerd. Alleen de aanbieder van ‘geweldige korte-termijn-leningen’ (loan shark) lijkt nog goede zaken te doen. Maar rijd tot aan het spoor van de Santa Fe Railway en opeens ligt daar een oase van noordelijk Arizona. Hotel La Posada (De rustplaats) valt van buiten niet op, maar het huisvest tentoongestelde kunst, haute cuisine, riante kamers en ‘een van de prachtigste tuinen van het zuidwesten’ – vinden de eigenaars zelf.

Het spoor tussen Kansas en Californië brak de regio in de negentiende eeuw open. Erlangs ontstonden bloeiende nederzettingen; als aan een rivier die energie en commercie aantrekt. Mary Colter, geboren in 1896, was een van de talenten die haar weg vond naar de streek. Zij was de toonaangevende architect van het opkomende zuidwesten – zeldzaam voor een vrouw in die tijd, zeker onder de primitieve omstandigheden van die regio.

Hotel La Posada bouwde zij in Spaans-koloniale stijl in opdracht van Fred Harvey (1935-1901), de ondernemer die beschaving naar het wilde westen wilde brengen. Harvey begon in de omgeving van het nieuwe spoor de eerste restaurantketen van Amerika. Het was geen McDonald’s. Dankzij Harvey werden linnengoed, zilveren bestek, kristal en porselein gebruikelijk in de streek – terwijl die nog werd beheerst door goudzoekers, voortvluchtige vrije vogels, cowboys en de resterende indianen.

Het idee om beschaving en toerisme te introduceren werd ambitieus belichaamd door La Posada. In 1929 kostte de bouw ruim veertig miljoen in hedendaagse dollars. Het werd een topbestemming, ook voor beroemdheden als president Franklin D. Roosevelt en Albert Einstein.

La Posada is een elegant pand met rood-stenen vloeren, warme tapijten en uitnodigende open haarden. Op de eerste verdieping zijn kunstgalerieën. De slaapvertrekken hebben namen als de Frank Sinatra-kamer en de Shirley Temple-suite. Cotter en Harvey bouwden inderdaad een rustplaats die past in het landschap en er tegelijk een ontsnapping uit biedt: de zomers zijn hier verzengend heet en de winter uiterst kil.

Maar het is een echo van het oorspronkelijke hotel. La Posada sloot de deuren uit geldnood na 27 jaar. Het spoorbedrijf trok er tijdelijk in, maar kwam vast te zitten in een poel van afnemende relevantie. Het zachtroze pand kwijnde weg. Meerdere malen dreigde Cotters meesterwerk – zoals ze La Posada zelf beschouwde – te worden afgebroken, wat vermoedelijk het einde van Winslow zou hebben betekend.

Een lokaal stel kocht de bouwval twintig jaar geleden en begon aan de restauratie – een monumentaal project. Eerder deze winter besloten ze La Posada na te laten aan Arizona State University, een welkom geschenk voor de universiteit en de ploeterende streek.

Intussen staat La Posada weer bekend als een must-see. De eiergerechten, koffie en service zijn er uitmuntend. De tuin is stil. Uitkijkend op het hotel, het oude spoor en de prairie komt er daar een nieuwe gedachte op: mooi Arizona.