Het geheim van Lindbergh

Schrijfster Pia de Jong verhuisde met haar gezin van Amsterdam naar Princeton, in de Verenigde Staten. Ze schrijft wekelijks over wat haar opvalt.

Illustratie Eliane Gerrits

Het jaar begon met veel sneeuw. De restanten liggen als witte vlekken tussen de bomen. Ik laat Princeton achter me en na zo’n tien minuten rijd ik in een heuvelachtig, verlaten bosgebied. Door de plotselinge hoge temperaturen hangt er lage mist boven de sneeuwvelden. Een stortbui breekt los. Ik ontwijk maar net een jonge vrouw die in de stromende regen midden op de weg rent in een roze bikinitop en kort broekje.

Als ik aan het eind van de lange bosweg linksaf wil slaan, staat er een bord Staatseigendom, verboden toegang voor onbevoegden. Ik haal diep adem en neem de afslag. Even later passeer ik een pick-uptruck die tegen een enorme zwerfkei tot stilstand is gekomen. Aan de roest te zien al een tijdje geleden. Net als ik me afvraag af of dit de goede weg is, sta ik pal voor mijn bestemming: Highfields, het huis waar in 1932 de ontvoering plaatsvond van Charles A. Lindbergh, Junior. Zijn vader was op dat moment de beroemdste man ter wereld. Hij was in 1927 met zijn eenzitter-vliegmachine, de Spirit of St. Louis, als eerste de Atlantische Oceaan overgevlogen. Het was het equivalent van de maanlanding. Lindbergh werd onmiddellijk een held, werd overladen met eerbewijzen, schreef een bestseller en reisde over de hele wereld.

Het landhuis in Franse stijl lijkt precies op de foto’s uit de tijd van de zaak. Aan de zijkant zie ik het bovenraam waar de ontvoerder met een krakkemikkige ladder omhoog zou zijn geklommen om de twintig maanden oude baby uit zijn wiegje te halen. De gebeurtenis hield Amerika maandenlang in zijn greep. „Het grootste verhaal sinds de opwekking van Jezus” werd het genoemd. Het hele land was in rouw toen het jongetje vlakbij het huis levenloos gevonden werd. Een Duitse timmerman werd als moordenaar aangewezen. De man, die overigens een geldig alibi had, bleef tot zijn dood in de elektrische stoel volhouden dat hij onschuldig was. Er bleef altijd iets knagen rondom deze zaak.

Waarom was Lindbergh eigenlijk vlak voor de ontvoering in deze totaal afgezonderde plek gaan wonen? Waarom orkestreerde hij het onderzoek tot in de details en verbood hij dat pers of politie met het personeel sprak?

„The Lone Eagle”, van wie de afgelopen jaren zeven buitenechtelijke kinderen bij drie minnaressen in Duitsland en Zwitserland opdoken, naast de zes die hij met zijn vrouw kreeg, was een fervent aanhanger van het nazigedachtengoed, met name de eugenetica. Zijn eersteling was geestelijk gehandicapt. Er zijn aanhoudende geruchten dat hij met de verhuizing naar deze afgelegen plek de mysterieuze ontvoering in scene heeft gezet om van het kind af te komen.

Plotseling komt een gespierde man in uniform op me aflopen. US Army Vet, Operation Desert Storm staat er op zijn pet. Ik schrik van zijn dreigende blik.

„Kunt u niet lezen”, vraagt hij bars. „Dit is staatsterrein.”

„Sorry, Sir”, zeg ik. „Ik dacht dat dit het Lindbergh-museum was.”

„Dit is een gevangenis”, zegt de man. „Hier wonen nu veroordeelde tienermeisjes.”

Op dat moment komt het rennende meisje uit de mist opdoemen, glimmend van de regen. Is ze een van de gevangenen? Is ze een bewaker? Voor ik wegrijd, kijk ik nog een keer omhoog naar het beroemde babykamertje, nu blijkbaar een gevangeniscel. Dit keer zonder krakkemikkige trap. Het geheim van Lindbergh wordt goed bewaakt.