Een trui als kroepoek

Gaan // Theater Ouwe Pinda’s Bellevue Lunchtheater Theater Bellevue, Amsterdam, t/m 2/2, lunchtheater.nl 3

Een bevroren trui aan de waslijn in de winter voelt aan als „krokante kroepoek”. En wat is de kleur van sneeuw, kun je erop slapen? Dit zijn slechts enkele van de talloze voorbeelden uit de innemende theatervoorstelling Ouwe Pinda’s, gespeeld en geschreven door actrices Bodil de la Parra en Nadja Hüpscher. Het hart van de voorstelling is een overvolle Indische keuken. Hier bereidt muzikant Kees van der Vooren een maaltijd, onderbroken door sfeervol spel op de gamelan. Hüpscher en De la Parra ontdekten hun gezamenlijke Indische wortels. In de voorstelling wisselen ze herinneringen uit aan hun eigen jeugd en het Indische verleden van hun ouders en grootouders. Die zoektocht leidt tot vrolijke scènes en een enkele pijnlijke, als de Japanse interneringskampen ter sprake komen.

Aangrijpend weet Hüpscher het van heimwee vervulde leven van haar opa en oma te schetsen, die al vijftig jaar in Nederland wonen maar geestelijk nog altijd in het Indië van vroeger leven. Het is vooral de obsessie van De la Parra voor haar familieverleden die de voorstelling een dreigende dimensie geeft. Hoe diep mag je graven? Paul Knieriem regisseert Ouwe Pinda’s op losse, ontspannen wijze met het juiste ritmegevoel voor lichtheid en plots een dieper drama. Onvermijdelijk valt het woord „zwijgen”. Na de Japanse kampen konden veel mensen geen woorden vinden voor wat ze hadden meegemaakt. De beide actrices spreken voluit, maar ze zijn op mooie wijze beducht voor de pijn van vroeger die ze zelf oproepen. Als Bodil de la Parra aan het slot memoreert dat het misschien beter is Indonesië los te laten, is dat een betekenisvol moment. Een Indisch verleden heeft zo zijn eigen geheime kracht.