‘Wij hebben niet één keer ruzie gehad’

Hans Kampman en Kristel van den Brink waren zeven jaar bij elkaar.

Hans en Kristel in Disneyland Parijs, 2009.

„Ik weet het nog precies. We lagen ’s avonds in bed en precies op hetzelfde moment begonnen we erover. We voelden het bij elkaar aan, blijkbaar. Vanaf ons achttiende waren we samen en we hadden het altijd goed gehad. Maar de verliefdheid en de spanning waren weg, ook al hielden we nog heel veel van elkaar. Op ons vijfentwintigste zaten we elke avond op de bank tv te kijken, terwijl onze vrienden uitgingen. Dat klopte niet, vonden we allebei.

„Kristel kende ik uit de supermarkt waar ze werkte. Een vriend van mij werkte daar ook, hem haalde ik elke vrijdag op om samen uit te gaan. Ze was knap, spontaan, gezellig. En ze had rood haar. Jaren woonden we allebei in Leeuwarden, ieder in ons eigen studentenhuis. Al die tijd was het dik aan tussen ons.

„Na onze studie trokken we drie maanden door Amerika, daarna gingen we samenwonen in Haarlem. Een jaar later was de koek op. We hakten de knoop door, gingen op vakantie met zijn tweeën en toen we terug waren, hebben we het aan iedereen verteld. We zijn uit elkaar gegaan zonder ook maar één keer ruzie te hebben gehad.

„In het begin was het ongemakkelijk. We kregen allebei een nieuw leven, ons contact stond op een laag pitje. Na een half jaar kreeg ik weer een vriendinnetje, en ik vond het lastig om het daar met Kristel over te hebben. Maar ze was alleen maar blij voor mij. Dat voelde als een goedkeuring van haar, daar had ik kennelijk behoefte aan. Vanaf dat moment ging het weer bergopwaarts en zijn we goede vrienden geworden. We gaan uit, we sporten samen. Ook met onze nieuwe partners klikt het. Kristel en Simone gaan met zijn tweeën naar de bioscoop, Kristels vriend is laatst bij mij komen klussen.

„Ik denk dat we elkaar gewoon te vroeg zijn tegengekomen. We misten onze jeugd, onze vrijheid. Als we elkaar tien jaar later hadden ontmoet, was het misschien anders gelopen.”