Recept: 3.000 sit-ups en 700 push- ups per dag

Hij werd op Madeira geboren in een huisje met een golfplaten dak en is nu een wereldster Cristiano Ronaldo maakt maandag grote kans de tweede Gouden Bal te winnen voor Wereldvoetballer van het jaar

Er is een foto van Cristiano Ronaldo die terreinknecht Rui Alberto meer koestert dan de andere. Het iele jongetje met een volle bos donker haar heeft net zijn eerste beker gewonnen. Moeder Dolores straalt, meer middelpunt nog van het tafereel dan haar zoon. In het publiek erachter kijkt vader Dinis toe. Trots, maar teruggetrokken. „Dinis was een rustige, zachte man”, zegt Rui Alberto. „Geen typische voetbalvader. Maar wel de eerste die in Ronaldo geloofde.”

Dinis Aveiro overleed in 2005 aan de gevolgen van zijn alcoholverslaving. Nu is Rui Alberto wat Dinis was bij de amateurclub CF Andorinha op Madeira: het manusje van alles. Terreinknecht, materiaalman. Hij bewaart de foto’s van de jonge Ronaldo in het washok op het clubterrein in Santo António, een dorp dat boven de hoofdstad Funchal tegen de bergen ligt.

Naast het hoofdveld van Andorinha spelen kinderen op een kunstgrasveldje dat Dinis Aveiro aan de club schonk nadat zijn zoon miljoenen begon te verdienen als profvoetballer. De jongens zijn twaalf jaar, misschien dertien. De leeftijd waarop Ronaldo, ooit ook lid van Andorinha, het eiland al had verlaten voor het ‘continent’: de jeugdopleiding van Sporting Lissabon. Zo’n toekomst zit er voor deze jongens niet in. De beste voetballer van het stel is een meisje met gouden krullen.

Op Madeira, zo zeggen ze, loop je op een gegeven moment tegen je grenzen aan. Wie te lang op het eiland blijft, komt er niet meer weg. Geen straf overigens: het is het hele jaar door mild tot lekker warm. Een paradijselijk bloemeneiland, ver uit de Noord-Afrikaanse kust, zo’n duizend kilometer ten zuidwesten van het Portugese vasteland. Een stukje land in de Atlantische Oceaan, waar op 5 februari 1985 een van de beste voetballers ooit werd geboren in een huisje met een golfplaten dak.

Rui Alberto heeft ook een teamfoto van Ronaldo, bij de infantiles (pupillen) van Andorinha. Hij zit gehurkt met de bal voor zich. Het jongetje naast hem heet Ricardo Santos, nu barman in het kleine clubgebouw van Andorinha. Gevraagd naar Ronaldo had de barman nog gezwegen, maar als Rui Alberto hem aanwijst op de foto, moet hij wel. „Van die foto zijn Cristiano en ik de enigen die nog voetballen. Ik hier, hij bij Real Madrid”, lacht Santos. Wat hij zich nog herinnert van die tijd? „De tranen van Cristiano, als we verloren. Dan was het één groot drama.”

‘Opeens’ had hij last van zijn kies

Op Madeira worden de tranen van Ronaldo uitgelegd als het vloeibare bewijs van zijn winnaarsmentaliteit. Niemand keek raar op toen hij, negentien jaar oud, na de verloren EK-finale in 2004 in huilen uitbarstte. Ronaldo’s peetvader Fernão Sousa herinnert zich nog hoe kleine Cristiano zich onder zekere verliespartijen uitwurmde. „Zijn vader kwam hem altijd halen als hij moest spelen met de infantiles van Andorinha. Maar als de grote teams Nacional of Maritimo kwamen, had hij ineens last van zijn kies. Of voelde hij zich niet lekker. Als Dinis dan maar in zijn eentje was vertrokken naar de club, ging Cristiano op straat voetballen. Daar won hij tenminste altijd van iedereen.”

In de herfst van zijn voetbalcarrière was Sousa aanvoerder van Andorinha. Daar leerde hij materiaalman Dinis Aviero kennen, die hem vroeg peetvader te worden van zijn jongste zoon.

Vele jaren later ging hij op verzoek van een jeugdtrainer van de plaatselijke profclub CD Nacional eens kijken naar een talent bij Andorinha, „Ik wist niet dat hij mijn eigen petekind bedoelde.”

Voor twintig ballen en twee tassen vol tenues vertrok Ronaldo van Andorinha naar Nacional, een van de twee profclubs op Madeira. Daarna kreeg Sporting Lissabon reuk van het grootste talent op het eiland. Sousa: „Ik had stiekem de wens om hem bij Ajax te krijgen. Sinds de wedstrijden tegen Benfica [in 1969] ben ik al fan van het voetbal van Ajax. Toen Cristiano elf was speelde Dani [Daniel da Cruz Carvalho] bij Ajax, ik dacht als ik nu via hem eens vraag naar zijn contacten in Amsterdam. Maar Sporting was al snel heel concreet, zijn ouders zeiden ja.”

Hij was zo smal, en kijk hem nu eens

De twaalfjarige Ronaldo had het moeilijk bij Sporting. Hij werd uitgelachen om zijn accent, gooide eens een stoel door het klaslokaal. En elke dag waren er tranen, van heimwee. Toen hij in dat eerste jaar voor vakantie op Madeira was, wilde de jonge Ronaldo niet meer terug naar Lissabon. „Ik moest van de jongens hier in het café horen dat hij na drie weken nog steeds thuis was”, zegt Sousa. „Dat had de familie voor me verborgen gehouden. Ik denk dat Dinis zijn zoon te veel miste om hem zelf weer op het vliegtuig te zetten. Ik heb tegen zijn moeder gezegd: ‘Luister, dit is zijn toekomst. Vanaf nu zal het altijd zo zijn. Jullie moeten sterker zijn.’ Het feit dat ze hun zoon misten, mocht een grote toekomst niet in de weg staan.”

Daarna werd er niet meer stiekem terug naar Madeira gevlogen. Ronaldo verbeet de pijn, en vond langzaam zijn draai. „Het deed pijn toen hij naar Lissabon vertrok”, zegt zus Elma Aveiro. „Een moeilijke tijd voor hem, maar ook voor ons. We hebben veel gehuild. We waren zo dol op hem.” Ze ziet hem nog het vliegtuig instappen, zijn ticket in een mapje om zijn nek. Op naar het ‘continent’, naar grote dingen die zouden komen. „Die eenzaamheid heeft zijn persoonlijkheid gehard. Hij moest het doen zonder ons, ver weg in Lissabon”, zegt Elma.

In haar boetiek in Funchal liggen rozenkransjes met een kruis en de merknaam ‘CR7’, een samentrekking van Ronaldo’s initialen en rugnummer. Op de verpakking van CR7-boxershorts prijkt de torso van de afgetrainde Ronaldo. „Hij heeft het allemaal zelf gedaan. Hij heeft altijd keihard getraind. Hij wilde winnen, winnen, winnen. Als je zo veel pijn hebt van verliezen, doe je er alles aan om niet meer te verliezen”, zegt Elma. Ze vertelt over de zakken met zand die haar broer om zijn benen bond voor hij ging hardlopen. „De Ronaldo die je nu ziet, sterk en groot, is in niets te vergelijken met het jongetje van toen. Hij was zo smal, en kijk hem nu eens.”

Nu heeft Ronaldo een dagelijkse routine van 3.000 sit-ups en 700 push-ups. René Meulensteen, voormalig assistent-trainer van Manchester United, mag graag vertellen over de extra inspanningen van de jonge speler. Maar het trainingsbeest was al geboren ver voor de topclubs in beeld kwamen. Op Madeira werd hij weleens gezien, ’s nachts om een uur of drie, joggend door de straten. De gepensioneerde jurist João Marques de Freitas, die Ronaldo naar Sporting bracht, zegt dat de tiener in Lissabon verboden werd om de fitnesszaal te bezoeken. „Maar hij ging stiekem toch.”

Op zijn zeventiende debuteerde Ronaldo in het eerste van Sporting. Manchester United bracht hem hem een jaar later naar Engeland, waar hij zes succesvolle seizoenen speelde. Hij won de Champions League in 2008, en dat jaar won hij ook de Gouden Bal voor beste voetballer van de wereld. Bij Real Madrid maakte Cristiano Ronaldo al 228 goals in 220 wedstrijden. De totale voetballer? Completer dan Lionel Messi, vinden ze op Madeira. Bovendien: veel meer charisma. Een superster.

Ze roepen Messi, Messi naar hem

Madeira stond op zijn kop toen Cristiano Ronaldo op een zondag afgelopen maand bij de haven van Funchal zijn eigen museum opende, in het bijzijn van vriendin Irina en zoontje Cristiano junior. In hun gevolg streek een mediacircus neer in het smalle straatje.

En dan de rust, twee dagen na de opening. Een handvol bezoekers staart naar de vitrines in het museum. De schuifdeur, met Ronaldo’s stoere beeltenis, hapert nog. Twee Nederlandse echtparen mogen tegen een cameraploeg vertellen wat ze van Ronaldo vinden. Wie overigens vindt dat een museum, nog tijdens zijn carrière, wel erg riekt naar zelfverheerlijking, moet volgens eilandbewoners weten dat het een project van zijn broer is, Hugo. Volgens manager Nuno Mendes is het een manier om „iets terug te doen voor het eiland waar Ronaldo alles aan te danken heeft”.

Achter een wassen beeld van Ronaldo prijkt de Gouden Bal uit 2008. Aan de voeten van het beeld zou de Gouden Bal van 2013 moeten worden bijgezet. „Kan niet anders na zo’n jaar”, zegt Mendes. Zus Elma reageert quasiverongelijkt op een vraag over de kansen van haar broer: „Áls hij de Gouden Bal wint? Je bedoelt: wannéér hij de Gouden Bal wint.”

In het museum staat ook Ronaldo’s eerste beker die hij won bij Andorinha, die van de favoriete foto van Rui Alberto. Er liggen brieven van fans wereldwijd. De beker voor de 2nd best playmaker of the World 2008, uitgereikt door het voetbalhistorische genootschap IFHHS, is een dissonant in de eregalerij vol hoofdprijzen. Winnaar van deze kleine award was Xavi, van Barcelona. „Hé, wat doet dat ding eigenlijk hier?”, verwondert manager Mendes zich. „Hij vindt het niet leuk hoor, om tweede te worden.”

Maar Ronaldo heeft dat – tweede worden – vaak moeten verkroppen. Hij is tijdgenoot van Messi, de veelvraat van Barcelona die de afgelopen vier jaar achter elkaar de Gouden Bal won. Volgens Fernão Sousa zocht Ronaldo bewust de confrontatie door naar Real Madrid te gaan. „Toen hij naar Real ging, wist hij dat Barcelona het beste team ooit had, met een van de beste spelers aller tijden”, zegt hij. Dat, plus een maandsalaris van 1 miljoen euro, weerhield Ronaldo er niet van de concurrent te kiezen. „Hij wil zich altijd bewijzen.”

Wie in Portugal nog vond dat hij het nog moest laten zien in het nationale elftal, is na de WK-play-offduels tegen Zweden stil – of overtuigd. Niemand twijfelt er nog aan dat Ronaldo op 13 januari voor de tweede keer in zijn carrière de Gouden Bal wint. Hij steeg dit jaar uit boven de mensen die ‘Messi, Messi, Messi’ naar hem roepen. En ver boven FIFA-baas Sepp Blatter, die recentelijk een gênante Ronaldo-imitatie te berde bracht. De voetbalprof zweeg, ging gewoon door met scoren en schoot zijn land eigenhandig naar het WK.