Onduidelijke regels over ‘zelfplagiaat’

De VU heeft de verwarring over zelfplagiaat over zichzelf afgeroepen, zegt Pieter Drenth nu. Het is ‘een probleem’ dat een belangrijk VU-onderzoek geheim blijft.

Begin deze week werd beschreven hoe econoom Peter Nijkamp van de Vrije Universiteit in Amsterdam stukken van eigen werk had gerecycled, zonder bronvermelding. Dat wordt zelfplagiaat genoemd. Dat zou, volgens de geldende regels, niet mogen. In de dagen erna ontstond grote verwarring. Wat had Nijkamp nou precies misdaan? En wat zeggen de regels over het hergebruik van eigen tekst, zelfcitatie genaamd?

Pieter Drenth is hoogst ongelukkig met de samenloop van omstandigheden. Hij is emeritus hoogleraar psychologie aan de VU, en zat in de commissie die de afgelopen maanden onderzoek deed naar het proefschrift van Karima Kourtit, promovendus van Peter Nijkamp. Eerder was al bekend geworden dat de commissie „tekortkomingen” had gevonden in het proefschrift, maar het rapport met de uiteindelijke bevindingen is tot op heden door de VU niet openbaar gemaakt. „Dit is een probleem”, zegt Drenth. Want hier begint de verwarring. Van het rapport is alleen een summiere samenvatting beschikbaar, op 19 december verschenen. Niet gemaakt door de commissie zelf, zegt Drenth, maar opgesteld door het universiteitsbestuur. Hij heeft de conceptversie ervan wel vooraf gezien, maar de uiteindelijke versie niet. „Er zijn details weggevallen, die voor een goed begrip van deze kwestie van belang zijn”, zegt Drenth, die zich nu van de tekst distantieert.

In die samenvatting staat: „De commissie is van mening dat in alle gevallen van hergebruik van eigen teksten (zelfcitatie) een verwijzing naar de oorspronkelijke bron opgenomen dient te worden [...] De commissie bestempelt deze vorm van incorrecte bronvermelding, conform de geldende regels, als plagiaat.”

Zinnen aan elkaar geplakt

Hier zijn zinnen aan elkaar geplakt die los van elkaar hadden moeten staan, zegt Drenth nu. De laatste zin, over plagiaat, heeft betrekking op het begin- en eindhoofdstuk uit het proefschrift van Kourtit. Die staan op haar naam alleen. In die hoofdstukken heeft de commissie vastgesteld dat passages van andere auteurs zijn overgenomen zonder bronvermelding. Dat is plagiaat. Conform de regels.

Maar die ene zin heeft geen betrekking op de zin daarvoor, over bronvermelding en zelfciteren. Dat suggereert de tekst nu wel. Zo interpreteerden de media, onder andere deze krant, het ook. De VU heeft de verwarring dus over zichzelf afgeroepen? „Ja”, zegt Drenth.

Wat de commissie wél vindt, is dat auteurs er slim aan doen altijd bronnen te vermelden, ook in geval van zelfcitatie. Maar als dat niet gebeurt is dat geen plagiaat, of zelfplagiaat, de term die deze week vaak werd gebruikt.

Drenth vindt de term zelfplagiaat onbruikbaar. „Juridisch en logisch gezien is het een non-begrip. Je kunt niet van je zelf stelen”, zegt hij. Plagiaat betekent dat je ideeën, teksten, figuren, tabellen pikt van anderen, zonder bronvermelding.

Wat ook nog kan, en daar bleek deze week bij Nijkamp wel sprake van, is dat een wetenschapper tekst hergebruikt uit een artikel dat hij samen met anderen heeft geschreven. Drenth: „Gebeurt dat zonder bronvermelding, dan komt het in de buurt van plagiaat, omdat de co-auteurs ook intellectueel eigenaar zijn van het eerste artikel.”

Hoe vaak Nijkamp dit heeft gedaan, is niet duidelijk. De VU laat het hele werk van Nijkamp doorspitten, door een nieuwe commissie. Maar om hem bij voorbaat al af te branden, vindt Drenth te ver gaan. „Nijkamp wordt in de categorie Diederik Stapel geplaatst. Belachelijk.”

Dan nog de geldende regels rond zelfcitatie. In Nederland zijn die er niet, zegt Drenth. „De gedragscode van de vereniging van universiteiten rept er niet over.” Wel is er sinds drie jaar een Europese gedragscode. Ook de wetenschappelijke uitgevers hebben een code voor text recycling.