De nieuwe Britse toezichthouder laat zich gelden met hoge boetes

De FCA deelde voor ruim 400 miljoen euro aan boetes uit.

Dat komt vooral door de Libor-fraude in Londen.

Een boete van 1,8 miljoen pond (2,2 miljoen euro) voor een assurantiemakelaar. Een handelsverbod voor een derivatenhandelaar. Een werkverbod voor vier pensioenverkopers. Een arrestatie wegens handel met voorkennis.

Een kleine greep uit een decemberweek bij de Britse toezichthouder Financial Conduct Authority (FCA). Die werd in april opgericht, als antwoord op het vermeende falen van de Financial Services Authority (FSA) voorafgaand aan en tijdens de bankencrisis in 2008. Toezicht moest in het Verenigd Koninkrijk assertiever worden.

De bevoegdheden van de toezichthouder werden daarom gesplitst. De Prudential Regulation Authority is er onder de hoede van de Bank of England verantwoordelijk voor dat banken voldoende kernkapitaal hebben, en let op de invoering van de nieuwe toezichtregels voor de sector, en op de financiële stabiliteit. De FCA werd de waakhond met tanden, en moet vergrijpen opsporen en bestraffen.

In de eerste negen maanden lijkt dat succes te hebben. De toezichthouder deelde voor bijna 335 miljoen pond (405,6 miljoen euro) aan boetes uit. Aan niet de minsten: JPMorgan Chase, Rabobank, RBS werden beboet. Voorganger FSA deelde over heel 2012 voor ruim 313 miljoen pond aan boetes uit, zo berekenden reguleringsanalisten van uitgever Wolters Kluwer.

„Onze aanpak is anders dan die van de FSA was”, zegt woordvoerder Stewart Todd van de FCA. „We zijn pro-actiever, wat de regering ook van ons wil. De FSA werd te procedureel gevonden, te veel bezig met afvinken.”

Deels is het perceptie dat de FCA meer succes heeft, zegt Mary Stevens van Wolters Kluwer. „Er zijn minder boetes uitgedeeld, maar die waren wel hoger.” Dat gebeurde al onder de FSA en komt door de Libor-affaire. Stevens: „Hoe groter de namen, hoe hoger de boetes.”

Harde lijn volgen

De helft van de boetes bij financiële instellingen ging bovendien naar topmanagers wegens overtreden van ‘principe 3’, dat voorschrijft dat een bedrijf zijn zaken „verantwoordelijk en effectief” moet organiseren „met adequate mechanismen om risico’s te voorkomen”. Juist het onderwerp waarover consumenten zich het meeste zorgen maken. „De nalatigheden waren aanzienlijk. Dergelijke overtredingen kunnen altijd op belangstelling rekenen, maar zeker nu men praat over culturele veranderingen binnen de sector”, zegt Stevens.

Ook Mark Spiers van Bovill, een adviesbureau dat zich met regulering bezighoudt, spreekt over „een element van toeval” bij het succes van de FCA. „Het Libor-onderzoek wordt nu voltooid. Het wordt door de Amerikanen aangejaagd, maar de FCA heeft het zeker overgenomen en doorgezet.”

Volgens Spiers wil de toezichthouder „duidelijk uitstralen dat hij bereid is een harde lijn te volgen”. „Iets meer dan de FSA heeft de FCA het doel het vertrouwen in de markt te bevorderen. Manipulatie is juist bewijs van een markt die onvoldoende liquide is. Je ziet aan de boetes dat de toezichthouder zich daar echt op richt.”

Het gevolg, signaleert Spiers, is dat het aantal vrijwillige meldingen van mogelijke manipulatie in negen maanden met 43 procent steeg naar 117. „Libor zet bedrijven aan het denken. Men weet dat van de FCA alleen clementie is te verwachten als er zelf aan de bel wordt getrokken.”

Hij verwacht dat dit jaar zaken over handel met voorkennis zullen domineren. Vorig jaar werd een aantal bankiers hiervoor opgepakt. „Ook dat is de reden dat de FCA meer succes lijkt te hebben: we horen meer over onderzoeken voordat er wordt vervolgd.”

Volgens Stevens van Wolters Kluwer is de FCA nog bezig „zijn stempel te drukken. Het is interessant om te zien wat er dit jaar gebeurt. Boetes zullen altijd worden uitgedeeld, er zijn altijd bedrijven die niet doen wat ze moeten doen. Maar kan de FCA ook de cultuur veranderen?”