De flora uit het Krijt is bewaard in Birmees barnsteen

Foto George Poinar

Ongeveer 100 miljoen jaar geleden bloeiden deze bloemen, in een bosgebied waar nu Birma ligt. De voorouders van bijen zoemden. Er sprongen primitieve sprinkhanen. Nu zijn ze vereeuwigd in barnsteen.

Het zijn niet de oudste fossielen van planten met bloemen. Duidelijke vondsten zijn er al van ruim 125 miljoen jaar oud, en misschien bestaan bloemen zelfs al veel langer. Maar zelden blijven primitieve bloemplanten zo goed bewaard als dit exemplaar. Alles zit er aan. Steel, vijf kelkblaadjes, veel meeldraden, een stamper met stuifmeelkorrels erop. Elk bloemetje is slechts een millimeter groot.

Twee biologen uit Oregon beschrijven het plantje in het nieuwste nummer van de Journal of the Botanical Research Institute of Texas. „Bloemen uit deze periode zijn tamelijk zeldzaam”, legt onderzoeker George Poinar uit. Het stuk barnsteen waarin ze zijn ingebed, meet één bij twee centimeter. Poinar kreeg de steen van een van de mede-auteurs, de Duitser Jörg Wunderlich, vertelt hij.

Wunderlich is een gepensioneerde biologieleraar uit een dorpje bij Mannheim. Sinds 20 jaar wijdt hij zich aan fossiele spinnen. Hij vindt die vaak in barnsteen en beschrijft ze. „Vorig jaar kocht ik dit stuk barnsteen in Rangoon van een handelaar”, vertelt de oud-docent. Birmees barnsteen is populair bij edelsteenhandelaren en biologen, omdat het zo oud is: uit het Midden-Krijt. Het meeste barnsteen stamt uit het Tertiair – dat is veertig miljoen jaar jonger.

„Ik zag dat dit fossiel bijzonder was”, vertelt Wunderlich. „Ik ben geen plantenspecialist, dus heb ik de steen naar Poinar gestuurd.”