Nirvana - Unplugged in New York

In 1994 was ik elf en zat ik in groep zeven. De dood van Kurt Cobain herinner ik me, maar het maakte weinig indruk. Tot ik een jaar later op de radio ‘Come as you are’ hoorde. Ik wilde een cd van Nirvana, welke dan ook. Ik spaarde een boterhamzakje vol guldens, knaken en een enkele vijfguldenmunt. Ik vond Unplugged in New York, herkende de bandnaam maar half, en betaalde zo stoer mogelijk met mijn boterhamzakje. Die plaat, mijn allereerste eigen cd, bevrijdde me van de middelmaat van de top-40. Ik draaide ’m grijs, altijd back-to-back, besloot meteen m’n haar te laten groeien en kocht in de jaren erna alles van ze. Pas later begreep ik dat lang niet alle nummers van Nirvana waren, dat er ook beelden van het optreden bestonden, en alle andere verhalen die onlosmakelijk met dat ene album verbonden zijn. MTV wilde dat ze verder speelden na het laatste nummer (dat was ook afgesproken), maar Kurt vond dat het niet nog beter zou worden. Terecht. Met de laatste, snikkende uithaal van Where did you sleep last night eindigde een tijdperk, maar mijn Nirvana begon nu pas.