De mistige wereldchaos

Het is bijna tien jaar geleden. Na weken van moordende gevechten en ten koste van honderden gesneuvelden waren de Amerikaanse troepen erin geslaagd de Iraakse stad Fallujah op de troepen van Saddam Hoessein te veroveren. De New York Post, een van ochtendbladen van Rupert Murdochs neoconservatieve media-imperium, opende met een geweldige foto van een paar Amerikaanse soldaten tussen de stadsruïnes. Het was gelukt!

Sinds ongeveer een week is Fallujah opnieuw een strijdtoneel waar shi’ieten en sunnieten elkaar naar het leven staan, nu met assistentie van Al-Qaeda. Onder het bewind van premier Maliki is Irak een failed state gebleven. De Amerikaanse regering denkt er niet aan in te grijpen. De ontluikende burgeroorlog in Irak en de Amerikaanse passiviteit zijn de volgende bewijzen dat de Amerikaanse rol op het wereldtoneel drastisch aan het veranderen is.

De Arabische Lente waarover we ons een jaar of drie geleden nog illusies maakten is mislukt, behalve misschien in Tunesië dat in de verhoudingen in het Midden-Oosten een relatief geringe rol speelt. Geen macht ter wereld is in staat het nu drie jaar durende massale bloedbad in Syrië te beëindigen. Een groeiende stroom vluchtelingen bedreigt de stabiliteit in de aangrenzende landen. En praktisch gezien heeft geen enkele natie een denkbeeld, laat staan een uitvoerbaar plan, om aan die catastrofe een eind te maken. Daarbij komt dat ook onze oude commerciële bondgenoot Saoedi-Arabië zijn stabiliteit dreigt te verliezen.

Onvermijdelijk staat ook dit land bloot aan de invloeden van de moderniteit. Vrouwen willen emancipatie, er heerst jeugdwerkloosheid en het koningshuis dat toch al geen inspiratie tot vernieuwing gaf, wordt aangetast door de ouderdom.

Bekijken we de toestand op wat langere termijn. Iets meer dan een halve eeuw geleden begon het Midden-Oosten zich tot een tijdbom te ontwikkelen. Misschien hebben we het voor het eerst ontdekt in de jaren vijftig met de mislukking van het Algérie française, Algerije dat een Franse provincie moest worden. Niet lang daarna kwam de nationalisatie van het Suezkanaal door de Egyptische president Nasser met de rampzalig mislukte poging van Engeland, Frankrijk en Israël om die daad ongedaan te maken. De volgende ontdekking kwam in 1973 met de eerste oliecrisis. Aanleiding was de Jom-Kipoer-oorlog waarin Nederland en de VS Israël hadden gesteund. De olieproducerende Arabische staten namen tegenmaatregelen, verhoogden de olieprijs en dreigden met een boycot.

Het is de moeite waard eens grondig na te gaan wat hierop de Nederlandse reactie is geweest. Autoloze zondag, maximumsnelheid, brandstof op de bon, en een leuk bedoelde slagzin: „Ik rij honderd als Den Uyl opdondert”. En natuurlijk cabaret, het gezelschap Farce Majeur met de nationale hit Koeweit, Koeweit, Koeweit, kielekiele Koeweit. Zo onverwacht kwam het toen niet. We hadden het rapport van de Club van Rome, Grenzen aan de groei, al een jaar achter de rug. De voortdurende groei van de wereldbevolking, gepaard aan de uitputting van de natuurlijke hulpbronnen, zou op den duur onvermijdelijk een mondiale ramp veroorzaken. Veel mensen dachten dat die ramp al in het onmiddellijke verschiet lag. Dat is toen meegevallen.

Goeie ouwe tijd. Pas daarna is de westerse maatschappij radicaal veranderd. De oorzaak daarvan is niet de schaarste. Overal in het Westen zijn de oude politieke structuren uit elkaar gevallen. In veel landen zijn populistische partijen gestaag aan de winnende hand. Met hun radicale eenvoud willen ze de grote problemen oplossen maar ze moeten nog bewijzen dat ze het kunnen. Intussen is de westerse samenleving chaotischer en grimmiger geworden. Het ontbreekt aan leiderschap en een geloofwaardige politieke elite. Misschien is er een gat in de markt voor koffiedikkijkers.