De meedogenloze hertog

De Spaanse militaire leider Alva (1507-1582) , bijgenaamd ‘de zwarte legende’, geniet de reputatie van een wrede ijzervreter. Dat beeld wordt nu weer enigszins bijgesteld, maar humaan wordt hij niet.

Afgezien van personen uit de Tweede Wereldoorlog is er in de Nederlandse geschiedenis niemand zo gehaat geweest als de hertog van Alva. Zijn slechte reputatie, die al ruim vier eeuwen duurt, dankt hij aan de zes jaar dat hij hier verbleef als opperbevelhebber van de Spaanse troepen. Op zijn naam staan belegeringen van een aantal steden, het uitmoorden van Naarden en Haarlem, de instelling van de Raad van Beroerten, die duizend doodvonnissen uitsprak, en de invoering van nieuwe, zware belastingen. Alva was de verpersoonlijking van de zogeheten ‘zwarte legende’, die alle Spanjaarden zo ongeveer synoniem stelde met wreedheid, compromisloze machtsuitoefening en een oerconservatief katholicisme.

Al die eeuwen staat Alva te boek als een meedogenloze ijzervreter, als het spiegelbeeld van de nobele Willem de Zwijger. Toch is dit monolithische beeld van Fernando Alvarez de Toledo, derde hertog van Alba (1507-1582) door de uitgave van zijn correspondentie en dankzij enkele biografieën in de tweede helft van de vorige eeuw genuanceerder geworden.

Een nieuw werk met vele, vaak niet eerder gepubliceerde illustraties komt nog dichter bij een kritisch en gevarieerd beeld. Dit boek is het derde deel in een reeks over militaire leiders, die door internationale specialisten worden behandeld. Dat levert onverwachte beelden op die een nationalistische en een hagiografische benadering overstijgen. Delen over Michiel de Ruyter en over de hertog van Marlborough zijn al in deze reeks verschenen. Het boek over Alva bevat vijftien zeer informatieve en leesbare hoofdstukken over leven, carrière en reputatie in Europees perspectief.

Alva stamde uit een eerbiedwaardig Castiliaans geslacht. Toen hij zes was sneuvelde zijn vader tijdens een expeditie in Noord-Afrika. Zijn opvoeding, streng katholiek met licht erasmiaanse trekken, kreeg hij onder toezicht van zijn grootvader. Hij steeg in macht en aanzien en werd een gerespecteerd en gevreesd militair, staatsman en diplomaat onder Karel V en later onder diens zoon koning Filips II.

Tactische afwachter

Alva was loyaal aan de koning, zijn eigen familie en de katholieke kerk, in die volgorde. Als militair leidde hij veldtochten tegen de vijanden van het Habsburgse rijk: Turken, Fransen, Italianen, de protestantse Duitse vorsten en tegen opstandige gewesten in het noorden. De kwaliteit van zijn generaalschap, zo concluderen de militaire specialisten in dit boek, ligt niet zozeer in zijn capaciteiten als vechtjas, maar eerder in die als tactische afwachter, als cunctator. Hij vermeed veldslagen zo lang mogelijk, spaarde zo zijn eigen soldaten en putte de vijand uit. Hij liet hem rondtrekken in de wetenschap dat soldaten die niet vechten toch betaald moeten worden en dat, wanneer soldij en voedsel uitblijven en het weer verslechtert, de troepen gedemoraliseerd raken. Als diplomaat en geschoolde hoveling speelde hij een rol in alle Spaanse vredesonderhandelingen.

In de Nederlanden, waar Alva tussen 1567 en 1573 verbleef, luidde zijn devies: de orde herstellen, de opstandelingen straffen en de weg bereiden voor een triomfantelijke intocht van koning Filips II. De noordelijke rebellen zouden dan nederig hun gehoorzaamheid betuigen. Het begon krachtdadig met de komst van zijn leger van tienduizend man en, om een voorbeeld te stellen, met de onthoofding van twee vooraanstaande Nederlandse edelen, Egmond en Hoorne. Bij Jemmingen versloeg hij het opstandelingenleger onder Lodewijk van Nassau. Meedogenloosheid gold bij zijn acties als een probaat middel.

Maar met de ongrijpbare geuzen, het opgebroken beleg van Alkmaar en Leiden, een verloren zeeslag op de Zuiderzee en muitende soldaten hielden de Spaanse successen op. Met de onverbiddelijke Raad van Beroerten en nieuwe belastingen win je geen volk. Teleurgesteld moest Alva erkennen dat zijn compromisloze optreden averechts werkte. Zijn verblijf was een fiasco geworden. In 1573 ontsloeg de koning hem.

Uitvoerig gaan de auteurs van Alba in op het toen tamelijk recente verschijnsel propaganda. Aan beide zijden ontwikkelde zich naast de fysieke krijg een oorlog op papier, op doek en in brons. Alva liet zijn portret verspreiden, zowel geschilderd als gedrukt. Daarop zien we hem als de strenge generaal, ingeblikt in zijn zwarte harnas, de commandostaf in de vuist, de orde van het Gulden Vlies om de hals.

Omgekeerd barstte er ook aan de kant van de opstandelingen een propagandamachine los: satirische pamfletten, liedjes, toneelstukken, schilderijen en prenten, waar Alva wordt afgeschilderd als een meedogenloze tiran. Dat beeld leeft nog altijd in het collectieve geheugen en hoe gedegen de auteurs van dit boek ook werken aan een gedifferentieerder beeld, ze kunnen het niet ontkrachten. De meest gebruikte kwalificatie van Alva in dit boek is ‘arrogant’.

Cultuurliefhebber

Een minder bekende kant van Alva is zijn culturele belangstelling. Zijn paleizen richtte hij in met zorgvuldig gekozen schilderijen, tapijten en beeldhouwwerken. Zijn grootste liefhebberij moet toch wel zijn tuin zijn geweest, La Albadía in het zuiden van Extramadura. Ondanks de vele facetten van zijn leven die in dit fraaie boek aan bod komen, de aandacht voor zijn opvoeding en voor zijn culturele liefhebberijen, blijft het beeld van de conservatieve, stugge militair overeind. Je zou nog een hoofdstuk hebben verwacht over zijn gezinsleven waaruit een nog iets menselijker figuur naar voren had kunnen komen. Per slot van rekening had Alva een vrouw, vier kinderen en een bastaardzoon. Nu is het meest humane beeld van Alva dat van een zeventigjarige stramme generaal b.d., een magere gestalte met een spits gelaat en een grijze baard, die in zijn tuin wandelt. Daar lijkt hij op die andere Spaanse edelman van enkele decennia later: Don Quichot. Diens gestalte kennen we dankzij de staalgravures van de 19de-eeuwer Gustave Doré. Het zou me niets verbazen als die langdurig gestudeerd heeft op een van de vele portretten die van de ijzeren hertog bewaard zijn gebleven.