Blessing Ogaga

2014 is nu al een bijzonder jaar. Niet in de laatste plaats omdat de Blessing Ogaga-wisseltrofee dit jaar voor het eerst wordt uitgedeeld. Het grote Obesitas-kerstdiner beleefde aflopen maand haar twaalfde jaargang. Hoever de uitreiking van de Blessing Ogaga teruggaat, weet niemand meer precies. Wel vragen de ouders van een van onze leden zich al

2014 is nu al een bijzonder jaar. Niet in de laatste plaats omdat de Blessing Ogaga-wisseltrofee dit jaar voor het eerst wordt uitgedeeld. Het grote Obesitas-kerstdiner beleefde aflopen maand haar twaalfde jaargang. Hoever de uitreiking van de Blessing Ogaga teruggaat, weet niemand meer precies. Wel vragen de ouders van een van onze leden zich al heel wat jaren af waar hun kleine Afrikaanse vruchtbaarheidsbeeldje toch gebleven is.

Vroeger was het simpel. De Blessing Ogaga-trofee was een bekroning van de mooiste ‘regelactie’ van het jaar. Tegenwoordig hebben vrijwel alle leden van onze zwaarlijvige jaarclub (die precies één dag per jaar bestaat) vaste relaties of, erger nog, kinderen. Dus valt er weinig meer te ‘regelen’. De laatste jaren wordt de Blessing Ogaga daarom uitgereikt om ‘bijzondere gebeurtenissen’ te eren. Een nogal diffuse definitie.

Ik was genomineerd dit jaar (vanwege de 72 gangen die ik in 24 uur heb gerecenseerd). Dat is waarschijnlijk het dichtste dat ik ooit bij de Blessing gekomen ben. En ik vrees dat ik het daarmee zal moeten doen. Want waar vroeger een originele (mits uiteraard succesvolle) versierpoging volstond, moet je nu minimaal promoveren om in de annalen te worden opgenomen. Beide winnaars deden dat afgelopen jaar cum laude. Terechte bekroningen dus. Hulde.

Het is ondertussen al de derde maal dat het Obesitas-kerstdiner de kolommen van nrc.next haalt. Want uiteraard werd er ook dit jaar weer fenomenaal gekookt (al zeg ik het zelf). De eerste van zes gangen was een ceviche van schelpdieren met grapefruit en haringkuit.

Haal de vongole uit de schelp. Dat is een pokkenwerk, je kunt smokkelen door ze heel kort open te stomen in een laagje witte wijn. Snijd de coquilles even groot als de losse vongole. Snijd de knolselderij in zo klein mogelijke blokjes (die blijft rauw!).

Meng en zet onder het sap van de citroenen en twee grapefruits een halve dag in de koelkast. Schep af en toe om.

Snij het vruchtvlees van de overgebleven grapefruits klein. Hak de peterselie fijn.

Laat de ceviche uitlekken, breng op smaak met peper en zout.

Schep een laagje grapefruit in een borrelglaasje, daarop een laagje peterselie, vul de rest van het glas met ceviche en schep daarop een klein lepeltje haringkuit.

Voor 16 amuses: 2 kg vongole 350 g coquilles 5 rode grapefruits 3 citroenen ¼ knolselderij ½ bos peterselie 2 potjes haringkuit