Ontspoord politiek provocateur

Ooit trad de omstreden Franse cabaretier op met een Joodse jeugdvriend en bestreed hij het Front National, maar sinds de eeuwwisseling maakt hij gemene zaak met antisemieten. Wat drijft hem?

Voor zijn fans is Dieudonné M’bala M’bala een eenvoudige provocateur die vanwege zijn kritiek op Israël en een vermeend zionistisch wereldcomplot door het politieke en media-establishment monddood is gemaakt. „Wie zich tegen het systeem keert, krijgt op een dag het systeem over zich heen”, zegt een jongeman voor de deur van het door de omstreden komiek geëxploiteerde theatertje La Main d’Or, nabij Place de la Bastille in Parijs.

Maar voor de Franse minister van Binnenlandse Zaken, Manuel Valls, is Dieudonné een „kleine handelaar in haat” die na zijn openlijk antisemitische uitlatingen, inderdaad, het woord moet worden ontnomen. Hoewel veel juristen vraagtekens plaatsen bij een circulaire van Valls die oproept tot een verbod, proberen steeds meer provinciesteden de optredens van Dieudonné op voorhand af te gelasten.

Verbod of niet, Dieudonné zegt dat zijn tournee doorgaat. Bij eerdere afgelastingen hield de komiek zijn conferences gewoon op straat, zoals in 2004 nog op de stoep van de Olympia in Parijs.

Want controverse is een constante factor in de wonderlijke carrière van de in 1966 nabij Parijs geboren zoon van een Kameroense vader en een Bretonse moeder. Aan de zijde van zijn Marokkaans-Joodse jeugdvriend Élie Semoun was ‘Dieudo’, zoals de fans hem kennen, begin jaren negentig nog een mascotte van links die met snijdende humor over achterstelling van zwarten en discriminatie in de banlieue gezien werd als een van de meest veelbelovende komieken van het land.

De stereotypen en de verwensingen in die voorstellingen („Hadden de moffen hun werk maar afgemaakt”, verzucht een typetje van Dieudonné in 1990 tegen Semoun) konden toen nog door de beugel: Dieudonné stond aan de ‘goede’ kant. Twee keer was hij met steun van de groenen kandidaat voor verkiezingen om te voorkomen dat een lid van het uiterst rechtse Front National (FN) verkozen zou worden. Hij was beschikbaar voor het presidentschap om „de eenogige maraboe” (FN-leider Jean-Marie Le Pen) de weg te versperren.

Ahmedinejad en Assad

Maar begin deze eeuw „ontspoorde” hij, zoals Franse kranten nu schrijven. Net als bijvoorbeeld de Amerikaanse religieus leider Louis Farrakhan van de Nation of Islam, is Dieudonné de achterstelling van zwarten gaan wijten aan een Joodse werelddominantie, die al begonnen zou zijn bij de slavenhandel. In een toenaderingspoging tot de antisemitische internationale knoopte hij banden aan met de Iraanse president Ahmadinejad,met Assad in Syrië en met Hezbollah in Libanon. Steeds vaker trad hij op met leden van het FN en in 2008 onthaalde hij Holocaust-ontkenner Robert Faurisson in zijn theater. Datzelfde jaar vroeg hij de ‘maraboe’ Le Pen om bij de doop van zijn dochter als peetvader op te treden en in 2009 presenteerde hij een ‘anti-zionistische’ Europese verkiezingslijst.

Een sketch op de Franse televisie in 2003, waarin Dieudonné verkleed als Israëlische kolonist met de rechterarm omhoog ‘Isra-heil’ uitroept, had hem toen al een paria gemaakt die nog vooral op internet en La Main d’Or een podium kreeg. Na vele bedreigingen en de bepalende afgelasting door Olympia heeft hij zich ingegraven. Hij werd steeds populairder onder jonge moslims en bij traditioneel extreem-rechts - geen alledaagse combinatie.

„Hij ontdekte de kracht van de politieke provocatie”, zei Dieudonnés biograaf Anne-Sophie Mercier gisteren op nieuwszender BFMTV. „Dat beviel hem zeer.” Hij tart de autoriteiten net zo lang tot ze hem wel moeten verbieden, zegt extreem-rechtskenner Jean-Paul Gautier, auteur van het boek La Galaxie Dieudonné. „En dat is precies waar hij op uit is.”

Van bijna tien jaar terug dateert ook de door voetballer Nicolas Anelka afgelopen maand wereldberoemd gemaakte quenelle: het armgebaar dat volgens anti-racismeorganisatie Licra gezien moet worden als een ‘omgekeerde nazigroet’ maar volgens Anelka in het algemeen „tegen het systeem” is. Met Semoun werkte Dieudonné toen al niet meer samen. Hoewel die cabaretier warme herinneringen houdt aan een „extreem grappige kerel”, verklaarde hij zich in 2009 te voelen „als iemand die met een psychopaat of een pedofiel geleefd heeft zonder het te merken”.

Tot zes keer toe werd Dieudonné de afgelopen jaren veroordeeld voor „racisme” of „aanzetten tot rassenhaat”. Afgelopen maand kwam daar een nieuwe klacht bij: „Als ik (radiopresentator) Patrick Cohen hoor spreken, dan zeg ik: gaskamers, jammer”, zei hij in een voorstelling. „Als de wind draait weet ik niet zeker of hij genoeg tijd heeft om zijn koffers te pakken.”

Kamppyjama

Zijn meest recente veroordeling dateert van november om een woordspelerig liedje met de titel Shoah-nanas (Shoah-chickies). In een video die op internet vele honderdduizenden keren is bekeken, zien we Dieudonné zingend achter een preekgestoelte met naast hem een figurant in kamppyjama met gele ster die met ananassen schudt alsof het sambaballen zijn.

In een interview voor een Iraanse televisiezender legde Dieudonné in 2010 uit dat het „kinderliedje” bedoeld was om te laten zien hoe Joden hun leed gemonopoliseerd en vercommercialiseerd hebben, terwijl het volgens hem „taboe” is de slavernij of het kolonialisme aan de kaak te stellen. „Die hiërarchie in het lijden is obsceen.”

Behalve de quenelle is nu ook de ananas een symbool geworden waarmee zijn fans hun afkeer van ‘het systeem’ kenbaar maken. Welk systeem dat is? De mannen voor het theater in Parijs spreken over „de gevestigde politiek”, niet over de „as Washington-Tel Aviv”, zoals Dieudonné. Zij zien de maatregelen om hem het zwijgen op te leggen vooral als een poging het FN voor de naderende verkiezingen weer in verband te brengen met antisemitisme.