De regels gelden ook als je jezelf overschrijft

Wetenschappers die verzinselen in hun publicaties opnemen, verdienen het beroep niet dat ze uitoefenen. Wetenschappers die anderen plagiëren, plegen diefstal. Op flinke afstand van deze vormen van wangedrag volgt het zogenoemde zelfplagiaat. Daaraan blijkt de econoom Peter Nijkamp, hoogleraar aan de Vrije Universiteit, zich schuldig te hebben gemaakt.

Dat lijkt op het eerste gezicht onschuldig, want waarom zou (ook) een wetenschapper zichzelf niet mogen herhalen zonder erbij te zetten dat hij zichzelf herhaalt? Het antwoord daarop is: omdat het in strijd is met de regels. Omdat het haaks staat op de normen die wetenschappers zichzelf hebben opgelegd in hun gedragscode. Van hen wordt verwacht dat zij hun bronnen zorgvuldig vermelden, ook als ze die bron zelf zijn, en dat ze de regels voor co-auteurschap nakomen. Nijkamp citeerde ook zonder bronvermelding uit wetenschappelijke artikelen die hij samen met anderen had geschreven.

Er zijn dus vraagtekens te plaatsen bij het grote aantal publicaties van Nijkamp, waarmee hij al jarenlang wereldwijd de hoogst scorende econoom is. Het bevestigt dat zo’n hoog aantal, 5.398 artikelpagina’s in zijn geval, ook niet meer is dan een getal dat niets bewijst over de kwaliteit van de publicaties. Het heeft dus geen zin veel waarde toe te kennen aan lijstjes als die van meest publicerende economen.

De ‘zaak Nijkamp’ kan een reden zijn die gedragscode voor wetenschappers nog eens onder de loep te nemen. Is het werkelijk zo vermeldenswaardig dat hij zichzelf uit eerder werk citeert? Maar zolang bronvermelding moet, moet het. Wetenschappelijke tijdschriften mogen zich dan ook afvragen hoe het kon dat zoveel gevallen van zelfplagiaat ongemerkt tot hun bladen doordrongen.

Het echte probleem vormen de perverse prikkels die zorgvuldige wetenschapsbeoefening bedreigen. Dat een universiteit 90.000 euro misloopt wanneer een proefschrift niet kan worden voltooid, bijvoorbeeld omdat er sprake is van zelfplagiaat, lokt uit zo’n overtreding niet te zwaar te nemen. Dit lijkt het geval te zijn met een recente dissertatie van een van Nijkamps promovendi.

Het zelfplagiaat herinnert aan uitspraken van de voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, Hans Clevers. De publicatiedruk op wetenschappers is in een aantal disciplines doorgedraaid, zei hij. Ze worden te zeer beloond op basis van het aantal publicaties, bij voorkeur in toptijdschriften. Hij zei dit op het eerste congres van Science in Transition. Deze nieuwe Nederlandse beweging van wetenschappers pleit voor fundamentele veranderingen. Daar is het inderdaad de hoogste tijd voor.