De engelen houden in Oudehorne alles in de gaten

In een Fries dorp richtte een vrouw een religieuze beweging op. Via haar adviseren engelen de gelovigen. De dorpelingen mijden de open avonden.

In Oudehorne ontrolt zich de open avond van de stichting Uit de Bron van Christus en Weimer mag hem leiden. Weimer heeft een gewone baan. Maar vanavond, in een zaaltje van hotel Oostergoo in het Friese dorp Grou, vertelt hij over de engelen die er altijd voor hem zijn.

Het is tien voor acht. Elf mensen wachten tot Weimer de avond opent. Niemand zegt iets. Tot de kerkklok acht uur slaat en Weimer opstaat. „Ik ga kort vertellen waar we het vanavond over gaan hebben. Het belangrijkste is dat er engelen zijn die via een vrouw tot ons spreken. En die vrouw is Sonja de Vries.” Een korte stilte. „Nu zul je denken: dat klinkt heel bijzonder. En dat is het ook.”

De meesten weten al jaren van de engelen. Daarom zijn ze op de open avond: om het met nieuwkomers over de profeet Sonja de Vries te hebben.

Sonja de Vries verhuisde eind jaren tachtig van Noord-Holland naar Oudehorne, een dorp met zo’n 800 inwoners in het zuiden van Friesland. Ze wist toen al dat er iets geks aan de hand was. Geregeld raakte ze de controle over haar lichaam kwijt. Alsof iemand haar bestuurde en via haar sprak. Het was een engel, ze noemde hem Roravyanus. Hij was gekomen om de mensen te helpen. Bij alle ongelukkigheid waar mensen mee kampen. Ze vertelde het aan anderen, steeds meer mensen sloten zich bij haar aan. Inmiddels zijn zo’n tweehonderd mensen in contact met de engelen.

Weimer heeft vaak meegemaakt dat Sonja over werd genomen door haar engel. „Je ziet Sonja ineens heel stevig praten. Met de kracht van vier mannen, zo sterk. Je voelt meteen dat er een andere persoonlijkheid tegenover je staat.” De zaal luistert aandachtig.

De engelen weten raad

Sonja krijgt via Roravyanus adviezen door, vertelt Weimer. Over van alles. Over kleding. Over voedsel. Over beroepskeuzes, partnerkeuzes. Weimer: „Heb je ergens last van, de engelen weten raad.”

Luister je goed naar de engelen, dan krijg je een „hormonale rechtzetting” van de engel dus. Het is moeilijk uit te leggen hoe het precies in z’n werk gaat, maar je kunt soms ongeneeslijke ziektes kwijtraken. En je hormoonhuishouding raakt weer op orde. Dat is nodig. Want, zegt Weimer, „door inteelt en rassenvermenging zijn onze hormonen in de war geraakt.”

Na Weimer neemt oud-kleuterjuf Ilse het woord. Ilse kreeg een rechtzetting. „Het gebeurde ’s nachts. De engelen kwamen bij me thuis.” Ze had het eerst niet door. Roravyanus had gezegd dat ze op haar nagels, haren en urine moest letten. Zou daar iets aan veranderen, dan zou de rechtzetting zijn geslaagd. Ilse: „En jawel, mijn nagels en haren gingen veel sneller groeien. Mijn urine stonk eerst, maar werd steeds schoner.” Trots vertelt ze dat ze sterker is geworden bij de engelen. „Ik woog altijd 56 kilo, en nu weeg ik al 74 kilo.” Ze glundert.

Het eerste uur van de open avond is verstreken. Pauze. Een man wijst op informatieboekjes in de hoek van het zaaltje. „Er staan heel veel teksten in die door de engelen zijn geschreven, aan de woorden zie je wel dat het geen mens is.” Engel Andréüs heeft een stukje geschreven over hulp bij opvoeding. Houd het haar van je kinderen kort, geef ze nooit nagellak of lippenstift, geen spijkerbroeken, geen strakke bloesjes, en een muts is van wezenlijk belang.

Engel Roravyanus gaat dieper. Hij schrijft over opdrachten die worden ingeseind van boven. Roravyanus: „Het is heel ingrijpend wat in het uiterste geval van je wordt gevraagd. Het maximale wat je kunt verliezen, is je aardse stoflijf.”

Niet iedereen in Oudehorne en het aangelegen Nieuwehorne is blij met de komst van Sonja de Vries en haar stichting. Ze trok in een grote boerderij aan de rand van Oudehorne. Haar mensen kochten huizen in het dorp. Grote huizen, want ze delen hun woning vaak met andere leden. Sommigen verfden de huizen geel of rood. Op advies van de engelen.

Tijdens de kerkdiensten in het dorp ging het weleens mis. De mensen van Sonja wilden over de engelen vertellen: wat de dominee zei was niet waar. „Die raakte daar doodnerveus van”, vertelt een vrouw die haar hele leven in het dorp woont. De mensen in het dorp wilden gewoon naar de kerk, die hadden geen behoefte aan de engelen. Het leverde Sonja slechte publiciteit op in de lokale media. Dan maar over de engelen vertellen via een andere weg. Niet in de kerk, maar op open avonden.

Dorp versus ‘de Sonja’s’

Problemen met het dorp zijn er sindsdien niet meer, maar de dorpelingen hebben het nog altijd niet op ‘de Sonja’s’, zoals ze de leden van de stichting noemen. Oud-journalist Evert de Jong vindt het erg dat ze niet meedoen aan dorpsactiviteiten. „Als er andere mensen in die woningen hadden gezeten, dan hadden ze deelgenomen aan onze koren, toneelavonden, sportwedstrijden, noem maar op. Maar de Sonja’s hebben hun eigen koren.”

„Je hebt geen last van ze, maar ze voegen ook niks toe”, zegt een vrouw die al haar hele leven in Oudehorne woont. Zij wil net als de anderen niet met haar naam in de krant. Ze vrezen de stichting. Want niemand weet wat er gebeurt bij de boerderij aan de rand van het dorp. Niemand weet waarom de leden van de stichting tot drie uur ’s nachts door het dorp naar de boerderij lopen. En waarom dragen ze allemaal beige kleren? Waarom maken ze nooit een praatje? Waarom staan ze ’s zomers toch zo vaak buiten patat te bakken? Wat gebeurt er in de enorme kelder die onder de boerderij is gebouwd? Waarom rijden ze allemaal in Peugeots en Renaults?

En iedereen kent het verhaal over een zieke jongen die overleed nadat de engelen hem medische hulp hadden ontraden. Ook al heeft de Leeuwarder Courant dat op last van de rechter moeten rectificeren, zo’n verhaal is in een kleine gemeenschap niet zomaar weg. „Het is onzin, we adviseren iedereen altijd eerst naar de aardse dokters te gaan”, zegt Thijs Radersma, oud-leraar en bestuurslid van de stichting. „Pas daarna kunnen de engelen je helpen.” Bijvoorbeeld bij het kiezen welke medicijnen je slikt.

Weimer, de voorganger van de avond in Grou, denkt te weten waarom de stichting niet wordt geaccepteerd. „Een profeet komt meestal als het slecht gaat, als mensen de weg kwijt zijn. Ze zijn afgezakt in goddeloosheid, seks, drank, dat soort zaken. We zitten nu in een crisis. Veel mensen zijn ongelukkig, de helft van de huwelijken strandt. Een profeet zal altijd de mensen die de verkeerde kant opgaan, de weg terugwijzen. Dat is dat niet altijd de prettige weg. Voor die mensen is de boodschap heel streng.” Een boodschap die ze niet willen horen dus.

Er zijn ook dorpsbewoners die wel een open avond bezochten. Een vrouw d werd zo nieuwsgierig dat ze met een vriendin toch maar eens ging. „Al die geruchten, ik wilde het weleens zien.” Wat zag ze? „Mensen die eerst achterdochtig waren. Ze dachten dat we journalisten waren.” Maar ze zag ook een andere kant. „Er was een gevoel van geborgenheid. Ik kan me voorstellen dat mensen die iets missen in hun leven, er iets bij voelen.”

Zwarte cape

Of Sonja de Vries nog leeft, is een raadsel in het dorp. Een vrouw uit de buurt zag haar een keer in een zwarte cape. Maar dat is al meer dan tien jaar geleden. Bestuurslid Thijs Radersma: „De engelen spreken via haar. Maar er zijn ook mensen die door engelen gestimuleerd worden.” Radersma weet hoe dat gaat. Hij wordt zelf gestimuleerd door engel Octavrianus. „Ik help weleens mensen met problemen. Octavrianus laat mij dan voelen wat ik moet zeggen, wat ik moet vragen.” Voor zo’n gesprek wordt een vrijwillige bijdrage gevraagd. „Wie weinig geld heeft, hoeft niet te betalen”, zegt Radersma. „Maar veel mensen zijn zo dankbaar dat ze wel geven.”

Weimer staat helemaal niet stil bij geldzaken. „Ik geloof dat ik eens ben geholpen en daar helemaal niet voor heb betaald. De engelen vragen überhaupt niet zo veel geld.” Ilse moet ook even nadenken. „We betalen een klein bedrag per maand, geloof ik. Volgens mij zestig euro ofzo.”

Met geld zijn ze helemaal niet bezig. Wat maakt het ook uit? Ze zijn gelukkig. Iedereen is aardig. Ben je ziek, dan helpen de engelen. Het leven is makkelijker. En bang zijn voor de hel is niet nodig.

De hoge muur die om de boerderij van Sonja staat. De gracht die ze eromheen hebben gegraven. De bewakingscamera’s die er hangen. Ze zijn er niet mee bezig. Want bij de engelen, daar zijn ze gelukkig.