Behandel mensen in de bijstand niet alsof ze een taakstraf hebben

Verplicht werk accepteren en anders geen bijstandsuitkering – dat wil het kabinet. Theo Keltjens pleit voor werk dat uitdagend genoeg is. ‘Welke energie wil je in mensen vrijmaken?’

Taakstraf, of iemand met een bijstandsuitkering? foto anp

Naarmate het aantal werklozen stijgt, neemt ook het gezucht van mensen met betaald werk toe. Dat is logisch. Met minder mensen moeten zij immers een zwaardere sociale last dragen. Begrijpelijk is ook dat er stemmen opgaan om al die werklozen iets voor hun uitkering te laten doen. En dat politici daaraan gehoor geven. Zo beslist het kabinet binnenkort over een wetsvoorstel dat gemeenten verplicht mensen in de bijstand ‘maatschappelijk nuttige tegenprestaties’ te laten leveren. Afgelopen maandag, 6 januari, berichtte nrc.next hierover.

Voor alle duidelijkheid: het gaat hier om een dubbele verplichting. De staat verplicht de gemeenten bijstandsgerechtigden deze werkverplichting op te leggen. Het eerste ‘moeten’ zegt misschien iets over het vertrouwen van Den Haag in de lagere overheden. En ook iets over de Haagse opvatting van democratie: ‘Iedereen mag denken wat hij wil, maar in de vier jaar dat wij regeren, bepalen wij hoe er gedacht wordt!’

Behalve een fervent voorstander van het plan, de Amstelveense VVD-wethouder Herbert Raat, bevat het artikel in nrc.next, naar goed journalistiek gebruik, citaten van een paar deskundigen die voorzichtige kanttekeningen plaatsen. Zo waarschuwt Alex Corra, onderzoeker aan de Vrije Universiteit, voor stigmatisering. De tegenprestaties, veelal uitgevoerd op straat in oranje hesjes, kunnen gemakkelijk worden aangezien voor taakstraffen, denkt hij. Ook Gijsbert Vonk, hoogleraar sociaal zekerheidsrecht in Groningen, proeft in het wetsvoorstel iets van rancune: ‘Zo van: die bijstandsgerechtigden moeten maar eens voelen dat ze leven van onze belastingcenten.’

Wethouder Raat doet alle kritiek af als een ‘pavloreactie’. Hoe zou hij ook anders kunnen?

De ware pavlovreactie, zowel van de politicus als van de beide academici en van de journalist, is dat de discussie niet uitstijgt boven de vraag of je werklozen tot minderwaardig werk mag verplichten. Er kleven zoveel meer aspecten aan dit vraagstuk. Wat is nuttig, bijvoorbeeld? Ook wethouder Raat leeft van belastingcenten. Maakt hij zich maatschappelijk nuttig wanneer straks vierhonderdduizend bijstandtrekkers door zijn ideeën nog ongelukkiger worden dan ze al zijn?

Papiertjes rapen

De kritiek van Corra en Vonk is terecht. Maar waarom komt het niet in hun academische hoofden op dat bijstandsgerechtigden zich misschien ook op andere manieren maatschappelijk nuttig kunnen maken dan met deze ‘taakstraffen’? Want daar moeten we bij het wetsvoorstel inderdaad aan denken: papiertjes rapen, plantsoenen schoffelen, koffie schenken in buurtcentra...

Met deze werkzaamheden is niets mis. Ze zijn nuttiger dan menige positie met aanzien. Maar inderdaad, als je ze samen met gestraften moet uitvoeren of met collega’s die netjes volgens de CAO betaald worden...

De belangrijkste vraag is echter: waarom alleen werk aan de onderkant? Waarom geen andere, hogere capaciteiten benutten van mensen zonder werk? Werklozen hebben veel tijd voor zelfstudie en reflectie. Velen hebben al een loopbaan achter de rug. Ze hebben alleen weinig kans hun talenten en ontwikkeling te benutten. Wat ligt er meer voor de hand dan hier aansluiting te zoeken en hier tegenprestaties te verlangen?

Laat werklozen zitting nemen in gemeenteraden, in raden van toezicht. Laat ze interessant werk doen dat sowieso wegbezuinigd wordt. Laat ze colleges geven of stukken schrijven over wat hen bezighoudt. Onbezoldigd. Maar dan wel graag voor iets meer dan die schandelijke 640 euro, waarvan driekwart op voorhand in de zakken van woningcorporaties en nutsbedrijven verdwijnt.

Of zijn de bezoldigde raadsleden, docenten en journalisten bang voor nestbevuiling? Voor oneerlijke concurrentie? Voor afbreuk van kwaliteit? Een medewerker die geen loon krijgt, heeft ook geen haast. Hij kan alle tijd nemen om de kwaliteit te leveren die een werkgever verlangt. Voor commerciële bedrijven ligt hier een goudmijn. Wanneer je de professionele handicaps van ‘mensen die buiten het arbeidsproces staan’ op de koop toe neemt, valt in ieder van hen een schat aan talent en motivatie aan te boren. Gratis en voor niets.

Dit is wat zo schrijnend ontbreekt in het wetsvoorstel en in het krantenartikel. Welke energie wil je in mensen vrijmaken? De angstige bereidheid sancties te ontlopen, of de vreugde om te laten zien wat je inspireert? Welke van de twee heeft het meeste maatschappelijk nut? Bestuurders die deze vraag niet kunnen beantwoorden, moeten zelf met een taakstraf worden bijgeschoold.