‘Mozart en Duke Ellington passen erg goed bij elkaar’

Klassiek violist zoekt muzikale vrijheid. Hij improviseert en combineert graag, zoals klassiek met jazz.

Foto Marco Borggreve

Van alle Nederlandse violisten is Tim Kliphuis (1974) het moeilijkst in een hokje te plaatsen. Zichzelf beschrijft hij het liefst als „vrij violist”. Moeiteloos schakelt hij tussen klassiek, zigeuner, folk en andere stijlen. Deze maand toert hij door Nederland met een reeks gedurfde concerten.

Tijdens zijn studie klassiek viool in Amsterdam merkte Kliphuis dat het moderne muziekleven in een impasse zit. „De meeste individuele muziekstijlen hebben hun uiterste grens bereikt. Klassieke muziek kan niet nóg atonaler worden, jazz niet nóg ritmisch verfijnder. Ik denk dat we het niet zozeer meer in vernieuwing moeten zoeken, maar eerder in een kruisbestuiving tussen verschillende stijlen.”

Van de gebaande paden week Kliphuis af onder invloed van de legendarische Franse jazzviolist Stéphane Grappelli (1908-1997). „Ik ontdekte Grappelli bij toeval via een cd en viel meteen voor zijn weergaloze improvisatiekunst. Als klassiek violist wist ik amper wat improviseren was, maar juist door improviseren leer je over stijlgrenzen heen kijken. Pas via Grappelli heb ik me dat eigen gemaakt.” Dat aan improvisatie behoefte is blijkt uit Kliphuis’ enorme succes. Uit de hele wereld stromen klassieke violisten toe op zijn improvisatie-workshops. Zijn twee boeken over de Grappelli-stijl zijn internationale bestsellers.

Toch is Grappelli voor Kliphuis geen doel op zichzelf. „Improviseren, uitvoeren en componeren horen voor mij allemaal bij elkaar. Op mijn concerten programmeer ik klassieke stukken, maar soms speel ik de losse delen improviserend aan elkaar. Ook las ik stukken in andere stijlen in. Zo ontstaat een mix van serieuzere en lichtere momenten. Improvisatie speelt wel altijd een cruciale rol. Je weet nooit precies wat er komt.” Van zijn optredens is onlangs de cd The Grappelli Album – Tim Kliphuis Trio LIVE verschenen.

Ondanks zijn neiging tot stijlvermenging is Kliphuis wars van goedkope cross-overs. „In Nederland probeert men klassieke muziek vaak toegankelijk te maken door een DJ bij te halen, of Ali B. Daar zie ik niets in, want die stijlen liggen veel te ver uit elkaar. Met dat soort stijl-clashes win je het publiek ook niet voor je. Klassieke-muziekliefhebbers willen geen dj, en fans van Ali B hoeven geen Beethoven te horen. Als ik het lied Morgen van Richard Strauss programmeer, zet ik daar geen Grappelli-solo tussen, want zwaarte en lichtheid gaan niet samen. Maar Mozart en Duke Ellington passen juist heel goed. Vergeet niet dat jazz ook heel serieus kan zijn. Ellingtons Isfahan bijvoorbeeld is een prachtige compositie, vol zwoelte en diepgang.”

Verheugd is Kliphuis dat hij niet als ‘lichte violist’ wordt gebrandmerkt: „Deze maand toer met violist Gordan Nikolic, de concertmeester van het Nederlands Kamerorkest. Hij speelt puur klassieke muziek op het hoogste niveau, maar zoekt net zo naar muzikale vrijheid als ik. Dat Gordan en ik nu samen langs klassieke podia toeren is veelzeggend: de stijlafbakening begint echt wat minder strikt te worden.”