Jezelf citeren, hoe kwalijk is dat?

Akademie-president Clevers vindt het niet altijd erg als onderzoeker uit eigen werk citeert

Hoe kwalijk is het als een wetenschapper zinsnedes of alinea’s uit eerdere, eigen artikelen kopieert en hergebruikt? Zoals econoom Peter Nijkamp van de Vrije Universiteit in Amsterdam heeft gedaan. De VU maakte gisteren bekend het gehele werk van Nijkamp, 1.036 artikelen en boeken, te gaan onderzoeken op zelfcitaties en plagiaat, nu uit een eerste steekproef van NRC Handelsblad is gebleken dat Nijkamp herhaaldelijk zinnen en alinea’s uit eigen en andermans werk heeft hergebruikt zonder bronvermelding.

De regels voor plagiaat zijn duidelijk, zegt Hans Clevers, president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Met het overnemen van andermans teksten of ideeën zonder bronvermelding schendt een onderzoeker de wetenschappelijke integriteit.

In de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening van de Vereniging van Universiteiten staat dat wetenschappers de regels voor bronvermelding en auteurschap zorgvuldig moeten naleven, ondanks toenemende prestatiedruk.

Volgens Clevers, die onderzoek doet naar darmkanker, is het hergebruik van eerdere, eigen zinnen of alinea’s niet per se kwalijk. „Ik moet in bijna elk artikel uitleggen hoe de darmen zijn opgebouwd. Als je daar een paar mooie zinnen voor hebt, mag je die best vaker gebruiken, vind ik.”

Dat zegt ook milieueconoom Richard Tol, verbonden aan de Universiteit van Sussex en aan de VU in Amsterdam. Hij staat al enkele jaren nummer 1 in de top-40 van meest geciteerde Nederlandse economen, een lijst die jaarlijks wordt samengesteld door het tijdschrift ESB. In de inleiding van een artikel schrijf je vaak over dezelfde dingen. Onderzoeksmethoden zijn ook vaak hetzelfde. „De verleiding is dan groot om dezelfde bewoordingen te gebruiken. Zo erg vind ik dat niet.”

Tol wijst erop dat er software bestaat die artikelen kan vergelijken op het voorkomen van dezelfde zinnen. Maar de software geeft niet aan wáár in een artikel een doublure voorkomt, en hoe erg dat is. „We moeten uitkijken Nijkamp meteen te veroordelen voor die zelfcitaties.”

Clevers vindt dat de berichtgeving over mogelijk wetenschappelijk wangedrag „een beetje een heksenjacht” begint te worden. Dat vindt ook filosoof Huub Dijstelbloem, verbonden aan de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Maar dat hebben de universiteiten deels aan zichzelf te wijten, zegt hij. Zolang ze wetenschappers blijven beoordelen en belonen op een beperkt aantal indicatoren, bijvoorbeeld het aantal gepubliceerde artikelen, werk je wangedrag in de hand. Dijstelbloem is een van de initiatiefnemers van Science in transition, een beweging die pleit voor een fundamentele bezinning op de inrichting van het wetenschappelijk bedrijf.