Braaf boekhouden is geen toekomstvisie

Het kabinet heeft een gouden kans om het bankenstelsel te hervormen. Maar wat gebeurt er? Kortetermijngewin prevaleert. ABN Amro moet rap naar de beurs en de opbrengst naar de staatskas. Zo kan de nationalisatie à 30 miljard euro in 2008 worden gecompenseerd. Ten dele.

De visie van het kabinet is braaf boekhouden, maar braaf boekhouden is geen visie op een financiële infrastructuur die economisch herstel een zetje geeft. Na deel een over investeren met een kleine i (maandag) en deel twee over nieuwe bedrijfsfinancieringen (dinsdag) vandaag: wat is de beste rol voor de genationaliseerde ABN Amro en SNS?

De kabinetsvisie trekt twee verkeerde conclusies. Allereerst wordt de bankensector stabieler als de overheid een belanghebbende aandeelhouder blijft in ABN Amro én SNS. Mits de zeggenschap adequaat wordt beheerd, uiteraard. Maar slechter dan particuliere beleggers dat deden in de aanloop naar de kredietcrisis (2008) is niet voorstelbaar.

Zo ontstaan een beursgenoteerde bank (ING), een coöperatie (Rabobank), een mengvorm van beursnotering en stevig staatseigendom (ABN Amro) en een financieel nutsbedrijf met de overheid als eigenaar: SNS. De ideale opvolger van de Postbank, de financier zonder fratsen, die twintig jaar geleden onherkenbaar in ING is verdwenen. Leve de bank die de markt bij de les houdt.

Ten tweede is de kabinetsvisie geen aansporing tot florerende pluriformiteit in de geldwereld. Banken moeten hun concurrentiekracht meer zoeken in wat hen onderscheidt. De eigendomsvormen ondersteunen dat. Een beursgenoteerde bank als ING kiest andere activiteiten met andere risico’s dan een staatsbank. Zo niet, dan moeten de aandeelhouders van beide bijsturen. Onderscheid betekent dat klanten meer te kiezen hebben. Voordeel voor allen.

Hervorming en diversiteit stimuleren specialisatie en variatie. Waarom profileert ABN Amro zich niet als dé klimaatfinancier? De Rabobank en de (relatief kleine) ASN Bank stoppen wél serieus geld (samen 225 miljoen euro) in een fonds dat huizenbezitters geld leent voor energiebesparende maatregelen. Het energieakkoord (2013) van bedrijfsleven, milieuorganisaties en overheid telt tot 2020 op tot investeringsprojecten van minimaal 13 miljard euro. Om dat kapitaal uit de markt te ‘kloppen’ organiseren overheid en banken een nieuw expertisecentrum. Hoeft niet. Gebruik de kennis die er is, zoals de Groene Investeringsmaatschappij.

De slotsom van het drieluik is dat het kabinet wel de draai maakt naar de visie van PvdA-leider Diederik Samsom, die geld wil aanboren dat niet op de begroting staat, maar halverwege aarzelt. Het kabinet heeft een rol in versterking van de financiële infrastructuur. Zoals ook gebeurt met snelwegen, ruimtelijke ordening, het spoor en dijkaanleg.

Toch ontbreekt er iets in Nederland wat Duitsland (sinds de Oorlog) en Frankrijk (sinds Napoleon) wel hebben. En succesvol gebruiken. Dat is een financieel instituut dat gelieerd is aan de overheid, zonder ambtelijke status maar met private karaktertrekken. Een aanjager. Nederland had ook zo’n bank, de Herstelbank (1945), later Nationale Investeringsbank (NIB) genaamd. Dat was een samenwerking van private financiers en overheid. In de onbekommerde jaren negentig heeft een ‘paars’ kabinet de NIB verkocht.

Zo’n speciale bank kan projecten op zich nemen al naar gelang de economische conjunctuur en beoogde transformaties in de economische structuur. Zie de broodnodige opbouw van een sector middeldure huurwoningen die het gat vullen tussen koophuizen en woningcorporaties. Zie de kansen in het energieakkoord. Zie de investeringsagenda in de infrastructuur (20 miljard).

Een nieuwe Investeringsbank is geen thema van ideologie, maar van praktisch nut. Noem het een versnellingsba(n)k.