Blij dat ik op een fietspad rij

In het dichtstbevolkte land in Europa is het vaak dringen en duwen. Ook op het fietspad, waar de vier grote steden onder leiding van Amsterdam een offensief tegen de snorfiets zijn begonnen. In zijn meest irritante, tevens meest populaire verschijningsvorm: de snorscooter. De grote steden menen dat ‘Den Haag’ deze uit de krachten gegroeide, ooit als Solex en Spartamet begonnen ‘fiets met hulpmotor’, moet verbannen naar de rijweg. Dat is dus de gevaarlijkste plek voor deze kwetsbare verkeersdeelnemer, die dan ook een helm op zou moeten.

Het geduld op het fietspad is op met deze ‘fietsen’ die meer dan een meter breed zijn en honderd kilo kunnen wegen. Volgens de minister rijden ze in 20 procent van de gevallen harder dan 25 en volgens TNO zijn ze relatief sterk vervuilend en vrij dorstig. Er rijden nu zo’n 600.000 snorfietsen rond – de brede scooters zijn het populairst. ‘Echte’ brommers mogen harder, maar kennen al een helmplicht en moeten in beginsel op de rijweg. Voor de snorscooter is verbanning naar de rijweg en een helmplicht vermoedelijk commercieel het einde. Dat hoeft niet zó erg te zijn. De helmloze hulpmotor voor het fietspad staat al lang klaar in de vorm van de elektrische fiets.

Het debat over ‘snorfietsoverlast’ woedt al jaren. Het ene kamp roept ‘fijnstofkanon’ en ‘scooterhufter’. Het andere kamp antwoordt met ‘stemmingmakers!’ en ‘brevet van onvermogen’. Mobiliteit is voor de burger immers belangrijk. Niet iedereen kan of wil fietsen, durft op een brommer, wil een helm, kan een auto besturen of woont bij een bushalte. De in totaal 1,1 miljoen brom- en snorfietsen maken files korter en beperken het staan in bus en trein. Snorfietsen bieden de burger vrijheid en gemak. Aan de overheid de taak om de schaarste te verdelen en ieder veiligheid en ruimte te bieden.

Des te opmerkelijker dat de grote steden niet zélf hun fietspaden afsluiten voor de scooters. Juridisch staat hun niets in de weg. De rijksoverheid nam al een arsenaal repressieve maatregelen. Hoge boetes, sneller innemen rijbewijzen, vlotte inbeslagname en verbeurdverklaren, scherpe snelheidsnormen. De grens is in zicht.

Uit slachtofferregistraties blijkt dat snorfietsen op het fietspad geen bijzonder gevaar opleveren voor anderen. In het snorfietsdebat gaat het, zoals vaker in handhavingskwesties, meer om „gevoelens van onveiligheid en overlast”, zo schreef de minister al in 2011 aan de Tweede Kamer. Nu zijn gevoelens politiek vaak even relevant als feiten, dus het is maar afwachten wat de minister zal doen. Hopelijk blijven de feiten leidend. De snorscooter is nu een rijdende maas in de wet: fiets noch brommer. Steden kunnen intussen zelf hun fietspaden reguleren. En als de branche en de burger voor elektrische aandrijving kiezen én afstand houden, is iedereen tevreden.