Vitesse is in het verkeerde land

Vitesse, de voetbalclub uit Arnhem, heeft in zijn selectie spelers die afkomstig zijn uit Guinee-Bissau, Servië, Georgië, Japan, Chili, Brazilië, Ghana, Estland, Ecuador, Burkina Faso en Nederland. En één uit Israël: de 25-jarige Dan Mori, geboren in Tel Aviv. De Israëliër mocht wegens zijn nationaliteit de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) niet in en loopt daardoor het zevendaagse trainingskamp mis dat Vitesse in de hoofdstad Abu Dhabi heeft belegd.

Dat is op de eerste plaats de schuld van de Emiraten, die af en toe besluiten om Israëlische sportlieden te discrimineren. Soms mogen ze wel het land in, soms niet. Een goede reden voor voetbalclubs om daar geen trainingskampen meer te houden. Op de tweede plaats had Vitesse zelf flinker kunnen zijn. De club had kunnen besluiten om, hoe lastig dat om financiële, sportieve en organisatorische redenen ook was geweest, dan maar het trainingskamp af te blazen, inclusief de twee afgesproken oefenwedstrijden tegen Duitse clubs. Een andere optie was geweest om meer druk uit te oefenen op de Arabische autoriteiten, wat er wellicht toe had kunnen leiden dat de Israëlische voetballer toch zou zijn toegelaten.

Het is al te gemakkelijk om het standpunt in te nemen dat wij „wegblijven van politiek en religie”, zoals Vitesse liet weten. Afzien van de reis naar Abu Dhabi was inderdaad een politieke en principiële keuze geweest. Maar dat is het laten doorgaan van het oefenkamp nu ook. Het is goed dat Vitesse de kwestie aanhangig maakt bij wereldvoetbalbond FIFA. Dat is zeker een organisatie die zich niet kan veroorloven om de politiek te negeren.

Twee jaar geleden bracht Beatrix als koningin een staatsbezoek, haar vijftigste, aan de Emiraten, samen met Willem-Alexander en Máxima. Doel: het bevestigen en verdiepen van de onderlinge betrekkingen en de handelsrelaties tussen Nederland en de VAE. President Sjeik Khalifa bin Zayed Al Nahyan onthaalde het gezelschap vorstelijk in zijn paleis. Inmiddels zijn de Emiraten de grootste exportmarkt voor Nederland in het Midden-Oosten (3 miljard in 2012).

Om de handelsbanden nog wat verder te versterken, bezocht minister Kamp (Economische Zaken, VVD) nog geen twee maanden geleden Abu Dhabi, met in zijn kielzog 28 Nederlandse bedrijven. Dat maakt de kritiek van politici gisteren, zoals Dijsselbloem (PvdA), Ten Broeke (VVD) en Omtzigt (CDA), gratuit. Als gezegd: de Emiraten weigerden al eerder Israëlische sportlieden de toegang. Wat te doen als straks een Israëlische werknemer van zo’n Nederlandse bedrijf onverhoopt wordt geweigerd? De vraag is dan hoeveel een principe waard mag zijn. Het is ongetwijfeld een stuk gemakkelijker om van een voetbalclub te vragen om principieel te zijn.