Timmermans: EU moet met Cuba praten

Minister Timmermans wil dat Europa de dialoog opent met Cuba. Alleen dan is invloed op hervormingen mogelijk. Maar valt dat wel goed bij andere Europese landen?

Minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans wil een voortrekkersrol vervullen bij het omgooien van het gemeenschappelijke Europese beleid ten opzichte van Cuba. De PvdA’er denkt dat nauwere betrekkingen van de EU met Cuba de veranderingen in het socialistische systeem zullen versnellen. Dat zei hij gisteren in een telefonisch interview tijdens een driedaags bezoek aan het eiland.

In een brief aan de Tweede Kamer schreef Timmermans afgelopen vrijdag dat zijn reis mede is ingegeven door aankomende gesprekken met de ministers van Buitenlandse Zaken van de EU over Cuba. Wat Timmermans betreft wordt het ‘Gemeenschappelijk Standpunt’ vervangen. Deze afspraak uit 1996 houdt in dat het Europese beleid in de eerste plaats gericht is op het bevorderen van een democratische transitie in Cuba.

„De Europese houding van de afgelopen vijftien jaar om niet met de Cubaanse regering te praten heeft duidelijk geen verandering gebracht”, zei Timmermans gisteren vanuit Havana, waar hij vandaag zijn Cubaanse ambtgenoot spreekt. „Ik vind dat er een dialoog moet komen, waarbij geen enkel onderwerp taboe is.”

Tegelijkertijd met het bezoek van Timmermans is er een Nederlandse handelsdelegatie in Cuba. Hoewel afzonderlijk georganiseerd, past dit in de visie van Timmermans dat intensievere economische betrekkingen zullen helpen om Nederland en Europa invloed te laten uitoefenen op de politieke situatie in Cuba.

De vraag is of dat in de praktijk ook zo zal gaan. President Raúl Castro, die in 2006 zijn broer Fidel opvolgde, heeft herhaaldelijk te kennen gegeven dat internationale investeringen welkom zijn, maar dat buitenlandse leiders kun kritiek op het socialistische eenpartijstelsel thuis moeten laten.

Vorige week nog waarschuwde Raúl Castro bij de viering van de 55ste verjaardag van de revolutie dat „internationale machtscentra” bezig zijn met het „subtiel introduceren van neoliberaal en neokoloniaal denken” in Cuba.

Castro heeft de afgelopen jaren meer vrijheden toegestaan, zoals ruimere toegang tot het internet en vrij ondernemerschap in bepaalde sectoren. Maar dit soort hervormingen worden zeer traag en gecontroleerd uitgevoerd.

Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA), die zich zorgen maakt over de dagelijkse arrestaties van dissidenten in Cuba, stelde schriftelijke vragen over het bezoek van Timmermans. De minister antwoordde dat Cubanen meer economische vrijheden hebben, maar dat politieke rechten nog achterblijven. Om dit te verbeteren is ‘engagement effectiever dan isolement’, schreef hij.

Timmermans heeft de afgelopen dagen gesproken met Cubaanse schrijvers, economen en vertegenwoordigers van de katholieke kerk. Ook is er een ontmoeting met Mariela Castro, de dochter van de president. Zij staat bekend als een loyalist, maar wel iemand die openstaat voor dialoog.

Timmermans wil zijn bevindingen eind januari delen tijdens een bijeenkomst van alle Europese ministers van Buitenlandse Zaken. Hij zet in op het vervangen van de Gemeenschappelijke Positie met een akkoord om gesprekken te beginnen met Cuba over onder meer vrije handel met de EU. Mensenrechten moeten onderdeel zijn van een mogelijk akkoord.

„Het is duidelijk dat er een en ander aan het veranderen is in Cuba”, zei hij gisteren. „Door het Gemeenschappelijk Standpunt van Europa zijn we al lange tijd niet echt met ze in gesprek geweest. Dan kun je de ontwikkelingen ook niet beïnvloeden.”

Zijn pleidooi zal waarschijnlijk tegenstand krijgen van voormalige Oostbloklanden als Polen en Tsjechië. Die zijn zeer kritisch over het socialistische regime in Havana. Grote handelslanden als Duitsland en Frankrijk zijn pragmatischer. Daarnaast zal blijken of Timmermans niet te assertief is geweest volgens Spanje, traditioneel initiatiefnemer bij het uitzetten van de Europese betrekkingen met Cuba.