Nederland en Rwanda maken afspraak over terugsturen migranten

Schedels en beenderen als gedenkplek in een kerk nabij de hoofdstad Kigali. In 1994 scholen vijfduizend Tutsi's, voornamelijk vrouwen en kinderen, bij de kerk maar zij werden met granaten, knuppels en machetes gedood. Foto Reuters / Finbarr O'Reilly

Nederland en Rwanda hebben afgesproken dat ze elkaars onderdanen gedwongen mogen terugsturen. Dat maakte het ministerie van Veiligheid en Justitie vandaag bekend. Staatssecretaris Fred Teeven heeft een overeenkomst hierover ondertekend met zijn Rwandese ambtsgenoot.

Nederland heeft ook afgesproken Rwanda te helpen bij het versterken van de immigratiedienst. Er bestaat tussen beide landen al een intensieve samenwerkingsrelatie op het gebied van justitie. De opsporing en vervolging van oorlogsmisdadigers is daar onderdeel van. In de nasleep van de Rwandese genocide in 1994 zijn veel oorlogsmisdadigers naar Europa gevlucht. Bij die oorlog tussen de Hutu’s en de Tutsi’s kwamen 800 duizend mensen om het leven.

Rechter oordeelde dat Rwandees mag worden teruggestuurd

In oktober oordeelde de Haagse rechtbank dat een van genocide verdachte Rwandees door Nederland mag worden uitgeleverd aan Rwanda. Dat was voor het eerst, daarvoor was het terugsturen van Rwandezen niet mogelijk. De verdachte zal nu in Rwanda worden vervolgd.

Teeven, die tegen persdienst Novum zegt dat Nederland “geen veilige plaats is voor oorlogsmisdadigers”, bezoekt deze week Rwanda en Burundi.