Kwestie van afkicken van dat aardgas

De NAM pompt steeds meer gas in Groningen op. Stop daarmee – dan stopt het beven ook. En raken we gewend aan de eindigheid van ons gas, schrijft Peter Polder.

Illustratie John Cole

Nederland is gasverslaafd. We zijn verslaafd aan de energie en aan het geld dat het oplevert. En net als een verslaafde doen we allerlei absurde pogingen om onze verslaving niet onder ogen te hoeven zien. Groningen beeft en politici steggelen over de vraag of en hoe gedupeerde bewoners van Noordoost-Groningen vergoed moeten worden in de schade van de aardgasbevingen.

Dat is nogal wonderbaarlijk. Want geld neemt het gevaar van steeds meer en steeds zwaardere aardbevingen niet weg. Aan het begin van 2013 gaf het Staatstoezicht op De Mijnen (SoDM) een opvallend advies aan de NAM (oftewel Shell en Exxon) en minister Kamp (VVD, Economische Zaken): breng de productie in het Groningen-veld met veertig procent omlaag. Dat vermindert zowel de zwaarte als het aantal van de aardbevingen. Dezer dagen werd duidelijk dat Shell en Exxon de afgelopen twee jaar meer gas hebben opgepompt dan afgesproken binnen het geldende winningsplan. Binnenkort zal de NAM een antwoord geven op dat advies van het Staatstoezicht op de Mijnen: met een nieuw winningsplan.

De minister liet onlangs al weten wat hij er van vond. Geen sprake van. „Nagenoeg alle Nederlanders gebruiken het gas om hun huis te verwarmen en om te koken”, aldus Kamp. De NAM laat in een reactie weten zich gesteund te voelen door Kamp. Wat er uit dat advies gaat komen laat zich raden. Veertig procent minder aardgas oppompen betekent veertig procent minder aardgasbaten, oftewel een schadepost van 4,8 miljard euro voor de staatskas en fors minder winst voor Exxon Mobile en Shell. Het is als een alcoholist vragen minder te drinken.

Toch is er, naast het dempen van de aardbevingen, een andere dwingende logica achter het fors verlagen van de aardgasproductie in Groningen. Binnen het huidige winningsplan daalt de hoeveelheid aardgas die we in Nederland kunnen winnen binnen tien jaar tot onder het niveau waarin we zelfvoorzienend zijn.

Oftewel, na 2023 is het afgelopen met de aardgasbaten, en mag ook Nederland aan de Russische en Noord-Afrikaanse gaskraan. Net als al de buurlanden die nu meeprofiteren van Gronings gas. En de Nederlandse overheid, zodat het ons geen tien à twaalf miljard euro per jaar aan belasting bespaart. Het tekent het kortetermijndenken en de aardgasverslaving van de Nederlandse politiek dat niemand daar al een plan voor heeft. 2023 is twee kabinetten verder. En met de traagheid waarmee andere energievragen worden aangepakt is dat overmorgen. En ook na 2023 gaan we strenge winters meemaken waarin de gasvraag opeens flink hoger wordt. Gaan we dan wel kou lijden?

De Groninger gascrisis is misschien wel een blessing in disguise. Want de gaskraan met veertig procent dichtdraaien zorgt ervoor de de gasproductie, en dus de aardgasbaten, over een langere termijn worden uitgesmeerd. Uiteindelijk lopen we dus geen geld mis. We krijgen het alleen wat later.

Aangezien we midden in een energietransitie zitten waarbij aardgas de rol van transitiebrandstof wordt toegedicht, zal de vraag naar aardgas er ook na 2023 zijn.

De schoonste van de fossiele brandstoffen kan het gat vullen tussen de wens om zo rond 2050 fossiele brandstof uitgebannen te hebben, en de nog onderontwikkelde duurzame energiebronnen die nu nog niet alle door ons benodigde energie kunnen leveren.

En wat moeten we in de tussentijd? De broekriem aanhalen, zowel in energie als in overheidsinkomsten. En al vast wennen aan en anticiperen op een tijdperk waarin het gasveld in Groningen leeg gaat zijn en we vanwege het klimaat geen fossiele brandstof meer mogen gebruiken. Dat is moeilijk, inderdaad. En dus is er alle reden om op tijd te beginnen. De strenge winter van 2012 had ook opgevangen kunnen worden door de energie-intensieve bedrijven in Nederland een tandje lager te laten draaien, en een oproep aan de burgers om de thermostaat een graad lager te zetten.

Er is gelukkig in Nederland potentie genoeg om op aardgasgebruik te besparen en daarmee Nederlandse huishoudens, overheden en bedrijven een enorm kostenvoordeel te geven. Tuinbouwkassen kunnen al enkele jaren omgebouwd worden naar energiebronnen in plaats van gasslurpers, we kunnen in de nieuwbouw energieneutraal bouwen verplichten, en we kunnen de energie-intensieve industrie dwingen versneld energie te besparen. En van sommige grote gasslurpers zullen we simpelweg afscheid moeten nemen, zoals het Groningse Aldel. De plannen en de technologie liggen er; het is een kwestie van willen en politiek lef.

Onder druk wordt alles vloeibaar, ook aardgaskwesties. Een Nederland zonder aardgasverslaving is een economisch gezonder, duurzamer en niet van het buitenland afhankelijk land. Als Kamp, Shell en Exxon Mobile het niet zelf doen zouden de Groningers ons een plezier doen door eigenhandig die kraan dicht te draaien.