Generaal pardon illegalen in Marokko

Duizenden illegale migranten hebben zich sinds 1 januari gemeld bij de Vreemdelingendienst in Marokko, om in aanmerking te komen voor het generaal pardon dat de regering in november afkondigde. Gisteren verzamelden zich alleen al in de hoofdstad Rabat zeker duizend migranten, donderdag en vrijdag meldden zich er al honderden bij hetzelfde loket. Binnen enkele maanden moet duidelijk zijn of ze in het land mogen blijven.

Marokko telt volgens schattingen tussen de 25.000 en 40.000 illegalen. Het gaat om enkele duizenden Filippijnen, maar vooral om mannen uit landen als Senegal, Ivoorkust, Nigeria en Kameroen. Deze sub-Saharianen wilden doorgaans de oversteek naar Europa wagen, maar zijn blijven steken in Marokko. Mede onder druk van de EU voert Marokko een streng grensbeleid. De EU betaalde zeker 140 miljoen euro voor scholing van grenspersoneel, fysieke versterking van de grens en betere leefomstandigheden van migranten in Marokko.

In Marokko leven de illegalen in de marge in volkswijken of in de bossen bij de Spaanse enclaves Ceuta en Melilla; ze worden uitgebuit of opgepakt en mishandeld door de politie. In Tanger vielen de voorbije maanden zeker drie doden na ingrijpen en ook bij bestormingen van de hekken rond Melilla en Ceuta vallen slachtoffers.

Koning Mohamed VI besloot in september, na aanbevelingen van de Nationale Raad voor de Rechten van de Mens (CNDH), dat er iets aan de situatie rond illegalen moest gebeuren. Hij droeg de regering van premier Benkirane op maatregelen te nemen. Die kwam in november met een generaal pardon, per 1 januari 2014. Doel is migranten recht te geven op legaal werk, scholing en gezondheidszorg en hen te beschermen tegen misstanden.

Aan het pardon zijn voorwaarden verbonden: de aanvrager moet aantoonbaar vijf jaar in het land verblijven, twee jaar vast werk hebben of twee jaar met een Marokkaan zijn getrouwd. Illegalen die vier jaar met een legale niet-Marokkaan zijn getrouwd en erg zieken maken ook grote kans.