Volwassen chimpansee in stabiele groep leeft lang

Chimpansees die in een stabiele groep leven worden – eenmaal volwassen – vaak ouder dan 40. Hun levensloop lijkt op die van mensen.

Chimpanseemannetjes die 40 worden, leven gemiddeld nog 13 jaar. Foto Shutterstock

Chimpansees hebben bij geboorte een levensverwachting van 19 jaar, maar als ze eenmaal 14 zijn geworden kunnen ze gemakkelijk 38 worden. Veel dieren sterven in hun eerste levensjaar. En de kans om te overlijden is voor chimps het laagst tussen hun 14e en 30ste.

Dit blijkt uit een uitvoerige analyse van de demografie van een chimpanseegroep in het Oegandese Kanyawara, die 25 jaar lang bestudeerd is. Het onderzoek is eind december online gepubliceerd door het Journal of Human Evolution. De oudste vrouwelijke chimp in de groep stierf pas op haar 64ste, de oudste man werd 56.

Een vrouwelijke chimpansee blijkt bij geboorte ongeveer 20 procent kans te hebben om 40 te worden, maar wie die leeftijd haalt, heeft dan nog een levensverwachting van acht jaar. Mannetjes hebben een kleinere kans om 40 te worden (14 procent), maar hebben dan zelfs een levensverwachting van nog 13 jaar, zo blijkt uit het onderzoek.

Tot nu toe werd gedacht dat jong-volwassen chimpansees (van 10 tot 35 jaar) een veel grotere sterftekans hadden dan de 4 procent per jaar die bij de Kanyawara-chimpansees is waargenomen.

Maar die eerdere demografische waarnemingen bij chimpansees waren gedaan in krimpende gemeenschappen, sterk getroffen door epidemieën en stropers. Omdat veel van de verwoestende ziektes recent ontstaan zijn (zoals ebola en aids), vermoeden biologen dat die epidemieën op de een of andere manier zijn veroorzaakt door menselijk ingrijpen, zoals de vernietiging van het leefgebied van chimpansees. Daardoor werd tot nu toe gedacht dat de chimpanseesterfte véél hoger was dan bijvoorbeeld bij menselijke jagers-verzamelaars.

In die geteisterde groepen lag de sterfte bij 10- tot 35-jarigen op bijna 7 procent. Dat is vrijwel het dubbele van de sterftekans in de nu onderzochte groep. In de Kanyawara-groep kwamen geen ernstige ziektes voor. De groep groeide zelfs, van 46 individuen eind jaren tachtig naar 56 in januari 2013. De Amerikaanse onderzoekers, Martin N. Muller en antropoloog Richard Wrangham, zien dat als een ‘evolutionair normaler’ patroon.

De sterftekans in de Kanyawara-dieren is nog wel twee keer zo groot als die van menselijke jagers-verzamelaars. Muller en Wrangham merken op dat het grootste verschil optreedt na het dertigste levensjaar.

Bij de Hadza, jagers uit Tanzania, haalt bijvoorbeeld 59 procent van de kinderen het elfde levensjaar, tegen 55 procent van de chimpanseekinderen. Slechts 18 procent van alle chimps wordt 40, tegen 42 procent van de Hadza. En een Kanyawara-chimpansee die 30 wordt heeft daarna nog gemiddeld 12 jaar voor de boeg, terwijl een Hadza die dertig wordt, mag uitkijken naar zijn 62ste verjaardag.

Muller en Wrangham schrijven dat de verschillen met mensen groot blijven, maar dat de chimpansees toch meer kenmerken van de mensenlevensloop hebben dan eerder werd gedacht. Dat komt waarschijnlijk omdat ook chimpansees in een relatief complexe ecologische en sociale niche, die leren en investeren in een lang leven stimuleren. Gorilla’s, die een veel simpeler leefpatroon hebben, groeien sneller op en worden aanzienlijk minder oud.