Meer vezel in de voeding is wellicht goed tegen astma

Het eten van veel voedingsvezels remt allergische ontstekingen van de luchtwegen bij muizen. Dit betekent dat vezelrijk eten wellicht ook goed is voor mensen met allergische astma of andere chronische ontstekingsziekten van de longen. Dit schrijven Zwitserse onderzoekers in een zondag verschenen publicatie van Nature Medicine. Volgens de wetenschappers kan dit een verklaring zijn voor de toename van allergische astma, nu in de meeste westerse landen mensen te weinig voedingsvezels eten.

De onderzoekers schrijven in hun Nature-artikel niet of ze hun astma-door-vezelhypothese een alternatief vinden voor de hygiënehypothese. Die zegt dat astma de afgelopen decennia vooral toenam door de verbeterde hygiëne.

De onderzoekers gaven verschillende groepen muizen een vezelrijk of een vezelarm dieet. En ze lieten de dieren veel stof van de huisstofmijt inademen. De dieren op het vezelarme dieet kregen veel meer ontstekingen in de longen.

Voedingsvezels bestaan uit voor de mens onverteerbare koolhydraten. Die stimuleren de stoelgang. Een deel van de vezels vormt voedsel voor de darmbacteriën. Onze vezelconsumptie beïnvloedt daardoor de soortsamenstelling van de darmflora. Wetenschappers vermoeden al langer een nauwe relatie tussen de voedingsvezels, de samenstelling van darmbacteriën en het immuunsysteem. De Zwitserse onderzoekers laten zien dat de darmbacteriën die voedingsvezels afbreken stofwisselingsproducten maken die via de darmwand in het bloed komen. Deze stoffen stimuleren het immuunsysteem waardoor allergische reacties in de longen (en misschien elders) afnemen.

Pectine, een van de koolhydraten van voedingsvezel, stimuleert bijvoorbeeld de groei van de darmbacteriën van de soort Bacteroidetes. Deze bacteriën breken voedingsvezels af en scheiden hierdoor korteketenvetzuren uit. Opgenomen in het bloed bevorderen deze vetzuren de aanmaak van bepaalde afweercellen in het beenmerg. Deze cellen beperken de allergische reactie op huisstofmijt in de longen, waardoor er minder kleine ontstekingen ontstaan.