Lichtpuntje voor donkere dagen

Voor mensen die een hartgrondige hekel aan de winter hebben is het van levensbelang zich te warmen aan elk lichtpuntje.

Zoals daar is: risotto. Of om precies te zijn: Tutto risotto. Ik heb het over het nieuwste boek van Florine Boucher, een boek dat lijkt geschreven om ons dit onzalige seizoen door te helpen. Who cares dat het sneeuwt en hagelt en koud is en al veel te vroeg schemert als je staat te roeren in een pan risotto met topinamboer, tomaat en worst? Of met kippenlevertjes en saffraan?

Met gemak zou ik twee krantenpagina’s kunnen uitwijden over Bouchers boek, over hoe onwaarschijnlijk grondig haar research is geweest, hoe buitengewoon leerzaam haar uiteenzetting over rijstsoorten en bereidingswijzen is, hoe helder haar instructies zijn en hoe heerlijk haar recepten. Maar die ruimte is er hier niet en ik zou denk ik alleen maar struikelen over superlatieven. Laat ik volstaan te zeggen dat Tutto risotto een meesterwerk is. Wie van risotto houdt, moet het lezen. Punto.

Een recept voor risotto met Grana Padano en eidooier. Want: „Vooral ’s winters als de waterkou in de noordwestelijke Povlakte in ieders botten trekt, valt deze Lombardische risotto (...) heel goed in de smaak.” Kijk. Is dit een lichtpuntje of is dit een lichtpuntje?

Roer de eidooier los met 2 eetlepels koude kippenbouillon. Breng de rest van de bouillon aan de kook. Fruit de pancetta op vrij laag vuur in de olie, in een ruime, lage pan. Roer de rijst erdoor en rooster de korrels tot ze ‘warm onder de duim zijn’ (dat wil zeggen letterlijk warm aanvoelen).

Blus af met 2 grote soeplepels bouillon en kook de risotto bijtgaar in 15 – 19 minuten, waarbij je telkens wanneer de rijst dreigt droog te vallen 2 nieuwe soeplepels bouillon toevoegt, en intussen voortdurend roert met een houten pollepel.

Meng de helft van de kaas door het dooiermengsel en roer dit, van het vuur af, door de rijst. Proef en maak op smaak met zout en peper. Laat de risotto 2 minuten staan in de gesloten pan en serveer in diepe, voorverwarmde borden. Bestrooi met de rest van de Grana Padano.