Uitbundige kleuren, uitgesproken meningen

De laatste anderhalf jaar kwam ze niet meer op het Oilily-kantoor in Alkmaar. Maar dat wil niet zeggen dat Marieke Olsthoorn zich niet meer bemoeide met het kleurrijke kledingmerk dat ze in 1963 begon. Dat kon ook niet anders, want haar vier kinderen werken er, evenals haar schoonzoon, Gijs de Kogel. Hij vertelt: „Tot op het laatst kwam ze met plaatjes van patronen en dessins die ze mooi vond. ‘Hier moeten we naartoe’, zei ze dan. Wij lieten haar ook nog wel dingen zien, maar niet te veel, want het kon haar vreselijk opwinden.”

Op woensdag 18 december overleed Marieke Olsthoorn op 72-jarige leeftijd in haar huis in Bergen. Zes jaar eerder was bij de geboren Brabantse borstkanker geconstateerd. Hoewel de ziekte zich eerst liet intomen, kwam die twee jaar geleden terug.

Op de dag van haar overlijden kwam de hele familie naar Bergen om afscheid van Marieke te nemen. De vier kinderen waren er, met hun partners. En de kleinkinderen, voor wie Marieke voor haar dood nog driftig plakboeken had samengesteld met de familiegeschiedenis. Ook haar drie jongere zussen uit Oisterwijk waren bij haar. Hoewel Marieke als enige naar Noord-Holland verhuisde, was ze nog altijd heel close met haar zussen. Ze bleef Brabantse, vertelt haar schoonzoon: „Eén keer per jaar reed ze naar Brabant om een enorme hoeveelheid worstenbroodjes te kopen.”

Vijftig jaar geleden brachten Willem en Marieke Olsthoorn Oilily op de markt – aanvankelijk onder de naam Olly, Willems bijnaam. Zíj maakte de ontwerpen, hij verkocht ze, zeiden ze altijd. Oilily stond voor felle kleuren en uitbundige prints, een protest tegen de bravere kinderkleding uit die dagen. „Marieke had een duidelijke mening over esthetiek en een fotografisch geheugen voor patronen en vormen”, zegt Gijs de Kogel. „Ze kon úren praten over een kleur of een piepklein detail. Maar ze verloor nooit de praktische kant uit het zicht. Een broek moest mooi zijn, maar vooral stevig, zodat kinderen konden kruipen. En er moesten grote zakken in zitten, voor steentjes en knikkers.”

Marieke Olsthoorn was een „buitengewoon warme persoonlijkheid maar ze praatte je nooit naar de mond.” Ook voor haar eigen begrafenis had ze heldere plannen. Ze wilde een bloemenzee aan rozen, witte en roze. Ze had ideeën voor de typografie van de rouwkaart, ze had zelfs voorbeelden bewaard van wat ze mooi vond. En ze had al bedacht wat haar kleinkinderen zouden dragen: de meisjes hun communiejurkjes, de jongens netjes in pak.

Barbara Rijlaarsdam