Oktoberfeesten zijn het nieuwe carnaval

Het begon met Weizen, het Duitse bier dat tegenwoordig in de meeste Nederlandse cafés te krijgen is. Toen kwam de Flammkuchen, de Schwarzwalder variant op pizza en pannenkoeken. En nu is er een derde ‘trend’ in de Nederlandse horeca die is komen overwaaien uit Duitsland: Oktoberfeesten.

Het begon voorzichtig, met hier en daar een Duitse feestavond in een kroeg. Dat was eigenlijk gewoon een feestavond als alle andere, aangevuld met wat Bratwurst, bier in pullen en misschien een enkele Dirndl. Maar geen lange tafels, geen Duitse schlagers en zeker geen feesten die zestien tot achttien dagen duren, zoals in München, de bakermat van de Oktoberfeesten. En, veel gemaakte fout: zulke avonden zijn vaak diep in oktober, terwijl de Oktoberfeesten half september horen te beginnen, en op de eerste zondag in oktober eindigen.

Maar de laatste jaren begint het er op te lijken. Net als in München verrijzen op steeds meer plaatsen in Nederland grote feesttenten, met binnen lange tafels en buiten Biergärten. Hier en daar wordt zelfs het speciaal gebrouwen Oktoberfestbier geschonken. Op sommige plaatsen gebeurt dit overigens al decennia – de Oktoberfeesten in Varsseveld bestaan al twintig jaar – maar intussen zijn er al tegen de twintig meerdaagse Oktoberfeesten in Nederland, ook in grote steden in de Randstad.

Op zulke Oktoberfeesten struikel je over de blaasorkesten, is de muziek Duitstalig en zijn Dirndls en Lederhosen de norm. En daarmee lijken de Oktoberfeesten eigenlijk sprekend op die andere feestelijke traditie: carnaval.

Jochen van Barschot