Kampioen met een probleemhart

Maandag velde een hartstilstand schaatser Sjoerd Huisman // Voetbaltrainer Mitchell van der Gaag dankt zijn leven aan een defibrillator // Hij zakte in elkaar, maar wil weer aan het werk

Coach Mitchell van der Gaag: „Zelfs mijn dokter heeft het niet kunnen plaatsen.” Foto Enric Vives-Rubio

Redacteur Voetbal

Hij wist dat het kon gebeuren. Toen hij op zaterdag 21 september de eerste schok van zijn geïmplanteerde defibrillator (ICD) kreeg, realiseerde Mitchell van der Gaag zich min of meer wat er aan de hand was: een ernstige hartritmestoornis. „Het was de eerste keer. Dat is altijd schrikken.”

Het was de vijfde wedstrijd van het seizoen, thuis tegen zijn oude club Marítimo. Trainer Van der Gaag had de eerste vier wedstrijden in het nieuwe seizoen verloren met Belenenses, de derde club in Lissabon. Nu kwam zijn ploeg, die hij afgelopen seizoen onverwachts naar de hoogste Portugese divisie leidde, met 1-0 voor. Goed sfeertje dus in het stadion aan de Taag.

Tot zijn hart in de 39ste minuut „op hol” sloeg. „Het was live op tv. Je hebt zestien clubs, dus zestien trainers. Als dit dan gebeurt met een trainer, is de impact groot”, zegt Van der Gaag nu. Zittend in de dug-out kreeg hij nog een tweede schok van zijn defibrillator. „Daarna wist ik dat alles weer normaal was. Ik ben gewoon het stadion uitgelopen, naar het ziekenhuis gegaan. En twee dagen later was ik alweer op de club. Alsof er niets gebeurd was.”

Van der Gaag (42) beschouwt zich als gelukkig, zeker gezien de droeve incidenten met sporters wier hartproblemen hen fataal werden. Neem de overleden FC Utrecht-speler David di Tommasso, in 2005. Of afgelopen week: marathonschaatser Sjoerd Huisman en voetballer Akeem Adams in Hongarije, die aan een hartstilstand overleden.

Van der Gaag zegt dat hij het niet had kunnen navertellen als zijn arts drie jaar geleden niet op zijn gevoel had gehandeld. „Eigenlijk tegen de richtlijnen in besloot hij niet alleen een pacemaker te implanteren, maar ook een ICD om schokken te geven.” Dat terwijl het risico op levensbedreigende hartritmestoornissen toen nog „nihil” leek.

Ik mis het fysieke, de inspanning

De hartproblemen van Van der Gaag, oud-profspeler van onder meer PSV en FC Utrecht, openbaarden zich toen hij zich na zijn actieve voetbalcarrière op duursport stortte. „Mijn hartslag was zeer laag. Het leek wel of mijn lichaam niet wakker werd. Als ik ging hardlopen kwam mijn hartslag niet boven 120. Dan weet je: er zit iets niet goed. Maar dat is nu allemaal verholpen, met medicijnen en dat kastje.”

Maar het probleem was niet alleen het lage hartritme. „Het andere geval is moeilijker.” Het andere geval is dat het hart op hol slaat – schijnbaar uit het niets. „Zelfs mijn dokter heeft het niet echt kunnen plaatsen. Het gebeurt bij mensen in hun slaap, of als ze thuis op de bank zitten. Als je intensief sport, komt de hartslag af en toe tot tweehonderd. Nu schoot hij, zonder dat ik me ook maar inspande, helemaal door. De coördinatie in het hart raakt zoek. Zonder die schok van de ICD, die het hart als het ware reset, ben je gewoon plotseling dood.”

Van der Gaag, die al sinds 2001 in Portugal woont, leeft nu een leven met belemmeringen in Lissabon. Sporten mag niet meer, van de dokter. Hardlopen niet, meedoen op trainingen ook niet. „Helemaal niets meer. In het begin was dat moeilijk. Ik mis het fysieke, de inspanning. Ik liep iedere dag. Maar dat gemis wordt ook minder en minder. Ik weet waarom het niet mag, waarom het niet kan. Sommige doktoren hebben daar geen moeite mee, de mijne wel.”

De gevolgen voor zijn eigen trainerscarrière, die op het eiland Madeira begon bij Marítimo, zijn ongewis. Hij mag tijdens wedstrijden voorlopig nog niet op de bank zitten. Hij wacht op toestemming van de arts om ook weer de stressvolle momenten mee te mogen maken – die langs het veld.

Als mijn hart een nadeel is, ach ja

Samen met de preses bepaalt Van der Gaag het sportieve beleid van Belenenses, dat nu dertiende staat in de Primeira Liga. „De structuur van de club is eigenlijk heel helder: de president en dan ik.” In het stadion, op een vrije dag voor de selectie, blijkt hoe kort de lijntjes zijn. Twee man kantoorpersoneel op plastic stoeltjes, en verder de terreinknecht die de pokdalige grasmat bijwerkt. Ooit was Belenenses Portugees kampioen. „Een soort Sparta, een club die op basis van het verleden hoger zou moeten spelen”, zegt Van der Gaag.

De president van Belenenses heeft duidelijk gemaakt dat de oud-voorstopper hoe dan ook de trainer is, en blijft. „Zodat men daar ook niet over hoeft te praten of discussiëren. Mitchell van der Gaag is trainer van Belenenses, en daarmee is het af”, zegt de geboren Brummenaar. Hij maakt de opstelling, hij leidt de trainingen. „Zie het als een trainer die geschorst is.”

De donderdag na zijn herstelde hartritmestoornis gaf Van der Gaag een persconferentie, om het verhaal voor eens en voor altijd verteld te hebben. Maar zou een topclub nog met hem in zee durven? Hij haalt zijn schouders op. „Het belangrijkste was om mijn dagelijkse leven op orde te krijgen, normaal te kunnen leven. Als ik doorkan als trainer ben ik ook zeer tevreden. En daarna zien we wel. Als het een eventueel nadeel zou zijn, ach ja. Toen ik bij Belenenses begon heb ik ook gemeld wat mijn probleem was. Dan is het aan de club om te zeggen: ja of nee.”

Van der Gaag laat zelf liever zijn conduitestaat spreken. „Vorig jaar ben ik met dit hart kampioen geworden, na een seizoen van 42 wedstrijden in de Portugese eerste divisie. Dat was voor mij belangrijk. Maar goed, ik zal altijd moeten melden: ik heb een probleem.”