Het zwaarste heb ik al gehad

Huub Oosterhuis is theoloog, dichter, kerkvernieuwer en priester. Onlangs werd hij 80 jaar. „Zo langzamerhand komen er dingen af.”

Tekst Brenda van Osch, foto Maurice Boyer

Stoutmoedig verhaal

„Als kind ervoer ik in de kerk momenten van groot geluk. Het zingen, het orgel, de bemoedigende woorden van de pastoor. Het was oorlog, een vreselijke tijd, maar hij hield ons voor dat het vrede zou worden. Die hoop heeft zich in me genesteld. Zeggen: het zal gebeuren, ik hoop het, ik wil het. Ik geloof niet meer als een kind, zoals je in sinterklaas gelooft. God grijpt niet in, hij heeft de toekomst in mensenhanden gegeven. Voor mij is de God van de Bijbel de tegenstem, een kritische stem tegen armoede en sociale onderdrukking. De Bijbel is het meest stoutmoedige verhaal uit de menselijke geschiedenis. Bedenk het eens. Dat het goed komt. Wie verzint zoiets?”

Egocentrischer

„Ik blijf zoeken en schrijven omdat iedere generatie weer andere vragen stelt. In de jaren zeventig was het evident dat het bijbelverhaal maatschappelijke en politieke relevantie had. Voor de huidige dertigers staat dat minder vast. Sinds de val van Muur is het neoliberalisme de religie. Egocentrischer, ik-gerichter. Dat dwingt mij het bijbelverhaal opnieuw te intoneren. Heftiger, juist omdat het begrip ervoor is afgenomen.

„Ik geloof in het goede van de mens. Je kunt mensen leren zich om elkaar te bekommeren, zoals je het ze ook kunt afleren. Dat betekent dat de wereld veel beter kan. Je moet mensen overtuigen met een ideaal, een visioen, een groot verhaal. De Bijbel is zo’n verhaal, hoeveel er ook over te discussiëren valt.”

Gebroken nek

„Toen ik veertien jaar was brak ik mijn nek. Ik maakte mijn haar nat onder de kraan, gooide mijn hoofd naar achter en krak. Weken lag ik verlamd op bed, het zag er naar uit dat ik in een wagentje zou komen. Langzaam kwam er toch gevoel terug en kon ik weer lopen. Het gevoel van dat moment is nooit voorbij gegaan. Alsof ik een nieuw leven had gekregen. Ik had honderden mensen zien verdwijnen bij razzia’s in de Rivierenbuurt in Amsterdam, waar wij woonden, mijn moeder had na vier gezonde kinderen drie baby’s verloren. Maar ik was er nog, ik kreeg een tweede kans. Bij alles wat ik later heb meegemaakt, een auto-ongeluk, de breuk met de kerk, mijn eerste huwelijk dat strandde, dacht ik: ik kom er wel doorheen. Het zwaarste heb ik al gehad.”

Celibaat

„Het verplichte celibaat voelde onnatuurlijk. Het isoleerde me, hield me op afstand van de echte wereld, zo wilde ik niet leven. Ik wilde liefhebben en had een vurige kinderwens. Die is in vervulling gegaan tot mijn grote geluk. Ongecompliceerd gelukkig zijn in een zo onrechtvaardige wereld is bijna niet te doen, maar we behoeden elkaar voor vertwijfeling en cynisme.”

Bevrijding

„Mijn breuk met de officiële kerk bleek onontkoombaar. In 1965, een jaar na mijn wijding tot priester, werd ik benoemd tot pastor bij de Amsterdamse Studentenekklesia, een Rooms-Katholieke studentenparochie. Het was de tijd waarin bevrijdingstheologen, vooral in Latijns-Amerika, opkwamen voor armen en onderdrukten. Ze werden stuk voor stuk veroordeeld vanuit Rome. De Vaticaanse politiek steunde alle Latijns-Amerikaanse dictaturen. Pinochet werd na zijn staatsgreep ingehuldigd met een plechtige hoogmis. Op zo’n moment onderdeel blijven van de kerk zou betekenen dat ik de onderdrukking zou huldigen.

„Mijn ontslag uit de Orde der Jezuïeten was het gevolg van mijn kritiek op het verplichte celibaat, maar dit was voor mij een veel grotere kwestie. In 1970 koos de Ekklesia voor een opstelling buiten de kerk, toen werd ik ook als studentenpastor ontslagen. Ik werd niet afgezet als priester. Het was een bevrijding om niet meer onderhorig te zijn aan Romeinse autoriteiten en bisschoppen. Dat heeft mij de gelegenheid gegeven zonder censuur mijn denken te ontwikkelen.”

Jan Marijnissen

„Ik ben al heel lang bevriend met Jan Marijnissen [oud SP-partijleider]. In mijn ogen is hij een van de weinigen die zag aankomen wat de gevolgen van het neoliberalisme zouden zijn. In 2006 vroeg hij me lijstduwer te worden voor de Tweede Kamerverkiezingen. Ik heb ‘ja’ gezegd vanwege het generaal pardon. Eenmalig. Ik dacht: ik moet kunnen uitleggen, ook aan katholieken in Brabant en Limburg, dat het vreemdelingenbeleid in strijd is met de bijbelse woorden over liefde, solidariteit en ontferming. Het pardon is er gekomen en het zou er weer moeten komen. Met de Ekklesia steunen we voedselbanken, illegalenopvang. Het Nederlandse asielbeleid is nog even grimmig en inhumaan, maar helaas uit de spotlights verdwenen.”

Paus Franciscus

„Ik ben onder de indruk van wat ik zie en lees van paus Franciscus. Met veel van zijn uitspraken ben ik het eens, over ‘globalisering van de onverschilligheid’ en zijn protest tegen de kloof tussen arm en rijk. Maar ik ken ook het Romeinse systeem, de weerstand tegen vernieuwing. Ik hoop dat hij niet wordt neergeschoten en dat hij iets weet te bereiken. Ik wacht af.”

Nieuwe Liefde

„De Nieuwe Liefde is een huis in een reeks, na De Populier – later De Balie – en de Rode Hoed. Toen we in 1970 met de Ekklesia uit de kerk stapten, vond ik dat we meer nodig hadden dan een plek om op zondag een dienst te houden. Ik zocht een huis om met elkaar te debatteren en na te denken. Zowel De Populier als De Rode Hoed kregen in de loop der jaren andere accenten. Dankzij ondernemer Alex Mulder kon in 2011 De Nieuwe Liefde openen. Ik zie het als een leerhuis voor een betere wereld. Mensen zoeken inspiratie en bemoediging. Iedereen is welkom, zolang men respectvol met elkaar omgaat. We debatteren regelmatig over de islam, dus krijgen vaker moslims binnen. Voor poëzie en zang is veel ruimte. Taal scherpt het denken, vergroot het inlevingsvermogen, voedt de verbeelding. Zingen verbindt.

„We zijn een huis zonder dogma’s, maar met uitgangspunten. Alle verhoudingen omverwerpen waarin de mens een vernederd, geknecht, verlaten en verachtelijk wezen is. Dat is een uitspraak van Karl Marx. Deze zin is een politiek program en zijn analyse nog altijd actueel. Ik kan me er volledig in vinden, al zou ik ‘omverwerpen’ nu vervangen door ‘saneren’.”

Koning Arthur

„Zo langzamerhand komen er dingen af. Ik denk niet dat ik nog liturgische liederen zal schrijven, ik heb er achthonderd geschreven. Ik heb alle 150 psalmen hertaald. Mijn liturgische werk is wel af. In oktober is Arthur, koning van een nieuwe wereld, verschenen, een episch gedicht gebaseerd op het verhaal van koning Arthur en de zoektocht naar de Graal. Ik lees mijn tekst voor op drie cd’s begeleid door muziek van Stijn van der Loo. Ik heb er heel lang aan gewerkt, ben begonnen in de jaren zeventig. Op Arthur wil ik nog graag een vervolg schrijven. Onlangs verscheen een biografie over mij: De paus van Amsterdam door Marc van Dijk. Het is een goed boek, maar er staat ook veel niet in. Wie weet waag ik me nog aan een autobiografie.”

Rechtzetten

“De dood houdt me nog niet bezig. Ik ben onlangs tachtig geworden, ik weet dat de klap elk moment kan komen, maar ik ben er nog niet aan toe denk ik. Na diensten of voordrachten komen er vaak mensen naar me toe die ziek zijn of het einde voelen naderen. Ze vragen of ik ze wil begraven. Sommige mensen zijn bang, ze willen van mij horen dat er iets zal zijn. Dan blijf ik heel stil. Ik heb geen concrete verwachtingen, alleen hoop. Ik hoop toe te zijn aan de dood als het zover is. Ik hoop dat er iets zal zijn, iemand zelfs. Ik hoop de God van de bijbel te zien. Het kan gewoon niet zo zijn dat mensen op deze aarde zo vernietigd worden en dat dat niet recht wordt gezet.”